-
Goed Gevoel - Logo
gezondheid/psycho
Goed Gevoel
Goed Gevoel
Goed Gevoel

Is mijn kind te stil?

Spreken is zilver, zwijgen is goud. Maar bij kinderen is het juist erg belangrijk voor hun ontwikkeling dat ze voldoende en juist leren praten. Wat is een 'normale' taalontwikkeling en wanneer is een kind écht te stil: oorzaken en oplossingen.

Vijf à tien procent van alle kinderen heeft een spraak- of taalontwikkelingsstoornis en hoe sneller deze wordt opgepikt, hoe groter de kans dat het probleem kan verholpen worden. En dat is erg belangrijk voor je kind. Taal gaat immers niet over stil of luid zijn, maar over communiceren. Wie niet goed weet hoe te communiceren, mist immers heel wat sociale ervaringen en kansen om iets te leren. Wanneer is het dus tijd om aan de bel te trekken? We leggen jullie vragen voor aan onze logopediste.

Peuter zonder woorden
Elise (33): 'Lore is ondertussen 18 maanden en ze spreekt nog altijd amper in vergelijking met veel van haar leeftijdsgenootjes. Er mankeert niks aan haar vermogen tot communiceren. Ze weet perfect hoe ze duidelijk moet maken dat ze een koek wil en dan ook nog een met chocola. Maar woorden vormen doet ze daarvoor niet. Soms vraag ik me af of wij te 'makkelijk' zijn. Misschien zou ze die koek met chocola pas mogen krijgen als ze er ook letterlijk om vraagt?'

De logopediste: 'Leren spreken begint met het leren van woorden. Op de leeftijd van acht maanden zouden kinderen gemiddeld negen woorden begrijpen. Rond twaalf maanden zijn dit er 46 en verschijnt vaak het eerste woordje dat het kind zelf zegt. Met zestien maanden zou een kind gemiddeld 155 woorden begrijpen en een twintigtal woorden zelf produceren. Maar dit is een leidraad. Je kind kan gerust een paar maanden afwijken van deze cijfers.

Er is in het geval van Lore dus zeker nog geen reden tot ongerustheid. Taalontwikkeling is iets heel persoonlijks. Taal wordt niet alleen beïnvloed door je leeftijd en je sociale omgeving, maar ook door je taalvaardigheid. De ene heeft nu eenmaal meer talent voor taal dan de andere. De ene heeft een extrovert karakter en praat graag, de andere 'bestudeert'. Het ene kind is ook gewoon sneller wat leren betreft dan het andere.' 'Het is heel belangrijk dat je het totaalbeeld bekijkt. Is dit het enige aspect waarin je kind 'trager' lijkt, dan is er zeker nog geen reden tot paniek. Mogelijk concentreert het zich nu eerst op een ander aspect van zijn ontwikkeling en kent de taal daarna plots een enorme boost. Wel belangrijk om te weten is dat de basis gelegd wordt in de eerste zeven levensjaren. Dan worden er ook structuren vastgelegd in de hersenen die daarna moeilijk tot niet aan te passen zijn. Op de leeftijd van zeven jaar moeten de 'basisvoorwaarden' om te spreken dus wel aanwezig zijn.'

Zo pak je het aan: 'Wat je als ouder in dit geval kan doen, is zelf heel duidelijk het goede voorbeeld geven door veel taal te gebruiken. Benoem wat je doet, vraag zelf heel nadrukkelijk naar dingen, lees veel voor... Hoe groter het taalaanbod dat een kind krijgt, hoe makkelijker het daar ook dingen uit kan oppikken. Onderschat ook het belang van bijvoorbeeld de grootouders en de crèche niet. Dat zijn evengoed plaatsen waar je kind met taal in contact komt en waar het ook weer andere vormen van taal tegenkomt. Probeer dat aanbod dus ook te variëren.'

Stille baby
Eric (39): 'Ella is nu drie maanden en ik vind haar een opvallend stille baby. Volgens mijn vrouw is dat iets waar we net dankbaar voor moeten zijn: Ella is gewoon een makkelijk, rustig kind. Maar ik vraag me af of er toch niet meer aan de hand is en dan met name met haar gehoor. Ella reageert bijvoorbeeld ook amper als we tegen haar praten. Mijn vrouw zegt dat ze dat nog niet kan, maar mij baart het alleszins zorgen.'

De logopediste: 'Kinderen moeten het uitspreken van de verschillende klanken die in een taal voorkomen leren. Dit leerproces is afhankelijk van de luisterontwikkeling en de motorische ontwikkeling. Rond de tweede, derde maand zal je normaal merken dat baby's hun hoofd draaien in de richting van geluid.

Kinderen die aandacht hebben voor geluid zullen leren waar dat geluid vandaan komt, waardoor het wordt veroorzaakt en wat het betekent. Zo leren ze verschillende geluiden van elkaar te onderscheiden. Ook spraakklanken zijn geluiden die van elkaar onderscheiden moeten worden. Daarom is een goede luisterfunctie een voorwaarde voor een goede spraak- en taalontwikkeling. Het eerste levensjaar is een gevoelige periode voor het leren luisteren.

Als je denkt dat een kind gehoorproblemen heeft, trek je dus het best zo snel mogelijk aan de bel. Gehoorproblemen kunnen een sterke hypotheek leggen op de taalontwikkeling van een kind en worden soms pas heel laat vastgesteld. Er wordt bijvoorbeeld ten onrechte gedacht dat een kind niet mee kan, terwijl het eigenlijk simpelweg niet hoort. Als er snel ingegrepen wordt en bijvoorbeeld een hoorapparaatje voldoende is om het probleem op te lossen, zal het kind een veel minder grote achterstand opbouwen. Vertrouw op je intuïtie als ouder.'

Zo pak je het aan: 'Het belang van het eerste levensjaar voor het spreken mag trouwens niet onderschat worden. Het lijkt dan wel alsof baby's nog niet kunnen spreken, communiceren doen ze wel degelijk. En daarmee leggen ze ook de grond voor het spreken dat zal volgen. Baby's spreken met hun hele lichaam. Doe bij alles wat je bij je kind ziet alsof je kind met die activiteit ook iets wil uitdrukken. Praat tegen je kind, benoem, probeer op babyniveau interactie te doen ontstaan. Kinderen worden zo als het ware 'gewekt' voor taalgebruik. Ze leren zo al heel vroeg dat taal gebruikt kan worden om uitdrukking te geven aan bepaalde gevoelens en dat met taal ook een beroep op een ander gedaan kan worden. Twee essentiële voorwaarden om taal als communicatiemiddel te gaan gebruiken.'

Problemen met 'r' en 's'
Marleen (41): 'Rube is nu vijf en praat vlot. Alleen de 's' en de 'r', dat zijn klanken waar hij over blijft struikelen. Ik probeer nu dus regelmatig met hem te oefenen op woorden waar die veel in voorkomen. Mijn man bekijkt het hoofdschuddend. Volgens hem heeft het eerder een negatief effect. Hij vindt dat Rube de laatste tijd minder spontaan is en ook minder aan ons vertelt, net omdat ik altijd zo op die 's' en 'r' hak. Maar ik zou het mezelf verschrikkelijk kwalijk nemen als Rube later uitgelachen wordt en misschien helemaal niet meer durft te praten omdat hij blijft struikelen over die klanken.'

De logopediste: 'Tegen het eind van het derde levensjaar zijn de meeste kinderen in staat om de verschillende losse klanken goed uit te spreken. Alleen 's' en 'r' kunnen hierop een uitzondering vormen, omdat deze twee klanken een zeer fijne beheersing van de tongmotoriek vragen. Veel kinderen zijn hier pas aan toe op vijf of zes jaar. Op zeven jaar kunnen kinderen nagenoeg alle klanken correct uitspreken. Er is dus in dit geval nog geen reden tot paniek.

Belangrijk is dat je als ouder ook hier vooral het goede voorbeeld geeft, maar niet elke keer gaat verbeteren. Want dan kunnen kinderen dichtklappen. Er wordt immers niet meer gelet op de boodschap die ze willen overbrengen, maar alleen nog maar op de 'verpakking' die niet voldoet.

Zo pak je het aan: 'Ik werk nu met een kind dat het moeilijk heeft met de 's'-klank', vertelt Natalie De Pauw. 'We hebben afgesproken dat hij heel erg moet letten op zijn uitspraak van de 's' als hij in de auto zit. Daar mag zijn mama hem ook verbeteren als hij in de fout gaat. Maar op alle andere momenten is het vooral belangrijk dat hij praat. We hebben die plaats ook in overleg gekozen. Het kon bijvoorbeeld evengoed om zijn slaapkamer gaan. Je moet er als ouder op letten dat je ouder blijft en geen therapeut wordt. Dat laatste is onze taak en dat heeft ook een goede reden.'

'Zeker voor kinderen met problemen in de taalverwerving ontstaat er vaak een ongunstig klimaat wat spreken betreft. De ouders beginnen ook te zwijgen omdat het kind 'verkeerde' dingen antwoordt of omdat ze niet begrijpen wat het kind zegt. Soms merken de ouders ook initiatieven tot communicatie van het kind niet op. Daarbij willen sommige ouders - meestal met de beste bedoelingen - in hun ogen minder relevante uitingen niet 'begrijpen'.'

Zwijgzame puber
Muriël (48): 'Ik ben een tater, altijd al geweest. Soms vraag ik me dan ook af of Kurt (16) wel werkelijk een kind is van mij. Er zijn dagen dat er geen enkel woord over zijn lippen komt. Hoe hard ik ook aandring. En als er dan toch klank uitkomt, maken we meestal ruzie. Zoals laatst: toen vroeg hij me hoe hij in godsnaam iets zou kunnen zeggen, als ik altijd elk gat zo genadeloos voltater. Dat kwam behoorlijk hard aan. Moet ik dan ook maar stil zijn omdat hij het is?'

De logopediste: 'Het is normaal dat kinderen naarmate ze ouder worden ook niet alles meer aan hun ouders komen vertellen. Iedereen kent het fenomeen van de zwijgzame tiener die wel honderduit tatert tegen zijn of haar vrienden. Om te spreken moet je zin hebben om te spreken. Wie niet goed in zijn vel zit, zal ook veel minder zin hebben om met zijn omgeving in interactie te gaan. Die heeft al meer dan genoeg aan zichzelf. Moet je je weerbarstige tiener die met zichzelf overhoop ligt dan maar gewoon met rust laten en niks meer vragen? Neen, zeker niet. Taal is communicatie. Leren communiceren stopt eigenlijk nooit. Het is dus geen goed idee om zelf minder te gaan praten omdat je tiener nooit iets terugzegt. Dan toon je dat communicatie echt afgebroken kan worden.'

Zo pak je het aan: 'Ga ook niet alles zelf volpraten, dan krijg je eenrichtingsverkeer. Blijf mogelijkheden tot interactie aanbieden. Door vragen te stellen over hoe de dag geweest is, door zelf opmerkingen te maken over wat er gebeurd is... Als je kind daar (in eerste instantie) niet op inpikt, dan is het zo. Maar je toont dat er altijd opties zijn om de draad van het gesprek weer op te pikken en dat is belangrijk.'


Selectief mutisme
Sommige kinderen kunnen perfect spreken, maar doen het niet in bepaalde sociale situaties. Bijvoorbeeld in de klas. Of op bezoek bij familie. Ook al wordt het daar wel van hen verwacht. Houdt dit langer dan een maand aan en heeft het impact op de ontwikkeling van het kind, dan wordt er van selectief mutisme gesproken. Ongeveer 0,5 à één procent van de kinderen heeft hier last van. Meestal steekt het de kop op tussen twee en vier jaar. Dan worden kinderen immers ook meer en meer geconfronteerd met andere sociale situaties.

Ongeveer een derde van de kinderen met selectief mutisme heeft last van een communicatiestoornis. Een deel heeft ook ontwikkelingsproblemen zoals zwakkere of verstoorde motorische vaardigheden. Vaak komen ze uit gezinnen waar de ouders hen heel erg 'beschermen' op sociaal vlak of uit gezinnen die vrij geïsoleerd zijn en waar ze dus ook niet de kans krijgen om veel sociale ervaring op te doen.

De voornaamste aanpak van selectief mutisme bestaat uit gedragstherapie. Het kind wordt geleidelijk blootgesteld aan de situaties waarin het normaal zwijgt. Het wordt aangemoedigd om toch te spreken en tegelijkertijd wordt ook geprobeerd de aanwezige angst te verminderen.

Meer info:
Logopediste Natalie De Pauw: www.groepspraktijkdepauw.be. Vlaamse vereniging voor logopedisten: www.vvl.be.

Door Tine Bergen
Goed Gevoel, februari 2012

07/03/12 16u25
mailIcon print | | Meer bookmarks |

Deel jouw mening

met alle Goed Gevoel-lezeressen

 

Test jezelf! Pagina 1 van 1

Hoe vruchtbaar ben jij? Welk type moeder ben jij? Hoe positief voed jij op? Wat voor band heb jij met je huisdier? Hoe vrij laat jij je kind? Hoe sterk voel jij je betrokken bij de school van je kind? Wat is jouw visie op het schoolsysteem? Hoe emotioneel beschikbaar ben jij voor je kind?
| 1 |