Eicel gezocht
Eiceldonatie. Het idee alleen al roept controverse en ethische bezwaren op. Maar voor koppels zoals Ninke en Steve is eiceldonatie hun enige hoop om zwanger te worden. Een tijdje geleden ontmoetten zij Ellen, die hun kinderwens wilde helpen vervullen. Ninke, Steve en Ellen vertellen hun uitzonderlijke verhaal over moed, hoop en pure naastenliefde.
Ninke en Steve zochten een donorNinke was een tiener toen ze te horen kreeg dat haar eierstokken weggehaald moesten worden. Daar eindigde haar droom om ooit zelf zwanger te worden. Tot ze Ellen ontmoette.
'Ik was vijftien en het vonnis was duidelijk. Zonder eierstokken zou ik nooit natuurlijk zwanger kunnen worden. Eigenlijk was ik alleen maar naar de dokter gegaan omdat ik niet meer groeide. Er volgden lange onderzoeken en het resultaat ervan gaf me een klap in mijn gezicht. Een geboorteafwijking aan de eierstokken had zowel mijn linker- als rechtereierstok verschrompeld en de dokters besloten ze weg te halen voor ze zouden verkankeren. Ik had geen eicellen meer. Nooit meer.'
'Steve heeft het altijd geweten. Ik heb het hem vroeg in onze relatie al verteld. Ook voor hem is dit moeilijk, we koesteren beiden een kinderwens. Maar we proberen het positief te bekijken. Wij weten tenminste wat het probleem is. Heel wat koppels proberen jaren zwanger te worden om dan te horen dat ze enkel met de hulp van dokters een kindje kunnen krijgen. Wij hebben die lijdensweg in zekere zin niet hoeven af te leggen.'
'Een jaar geleden zijn we voor het eerst op gesprek geweest in het fertiliteitscentrum. Het zenuwachtige afwachten begint eigenlijk dan al, want je weet pas na heel veel tests of zij je kunnen helpen om zwanger te worden. Gelukkig was het resultaat van de tests positief. Steve en ik kunnen misschien zelf een kindje op de wereld zetten. Zonder eigen eicellen, maar met een eiceldonatie. Omdat ik zelf geen eicellen meer heb, krijg ik een eicel van een andere vrouw, bevrucht met het zaad van Steve. Er wordt dus een bevruchte eicel, een 'proefbuisbaby', bij me ingeplant. Voor ons is dit de enige manier om zelf zwanger te worden van een kindje waar Steve ook de vader van is. Als ik het zelf negen maanden lang gedragen heb, zal dit ook voor mij als ons kindje voelen.'
'We moesten zelf zoeken naar een eiceldonor. Geen gemakkelijke taak, want eiceldonatie is in ons land weinig bekend. Er wordt ook weinig promotie gemaakt om eiceldonor te worden, omdat het een gevoelig thema is. Mensen staan immers een deel van zichzelf af waar nieuw leven uit kan voortkomen. Er zijn net zoveel mensen voor als tegen. Maar omdat er niet over gepraat wordt, weten veel mensen zelfs niet dat ze kunnen helpen, zelfs als ze dat zouden willen. Of ze weten niet wat hen te wachten staat en doen het dan maar niet. Als je zelf geen donor vindt, moet je drie tot vijf jaar wachten voor je aan de beurt bent voor een eiceldonatie. Steve en ik zijn dan ook onmiddellijk begonnen met een eigen zoektocht. We hebben affiches opgehangen op alle plaatsen waar veel vrouwen komen, supermarkten, babywinkels, wachtzalen van dokters en gynaecologen, en we plaatsten advertenties op het internet. Een vrouw die hetzelfde had meegemaakt als ik reageerde en raadde ons aan een oproep te plaatsen via de streekkrant. En daar heeft Ellen op gereageerd.'
'We kregen eigenlijk erg veel positieve reacties. Het verbaasde me hoeveel mensen graag willen helpen, als ze maar begrijpen waar het over gaat. Ik ben er altijd open over geweest. Vriendinnen, familie, collega's: iedereen heeft er natuurlijk een mening over. Sommigen willen het liefst meteen helpen, terwijl anderen zich niet kunnen voorstellen dat er ergens een kindje zou rondlopen met hun genen. Dat is voor hen dan ook hun kindje en ze hebben het gevoel dat ze dat kindje afgegeven hebben voor adoptie. Maar er zijn ook negatieve reacties geweest. Reacties die pijn doen. Van mensen om je heen die niet begrijpen waarom je dit doet. Mensen die vinden dat je je er maar bij moet neerleggen dat het voor jou niet kan, die zich afvragen wat ik aan m'n kind ga vertellen. Ik denk dan maar dat het makkelijk praten is als je zelf een kindje op je schoot hebt zitten. Het is toch geen schande om moeder te willen worden, zelfs als dat niet op een natuurlijke manier kan?'
'Ik was ontzettend zenuwachtig voor de eerste afspraak met Ellen. We hadden in enkele e-mails uitgelegd wat eiceldonatie is en waarom wij op zoek waren naar eicellen van iemand anders. Eiceldonatie is in de meeste ziekenhuizen anoniem. Er zijn enkele fertiliteitscentra waar je een eicel van je zus, je moeder of een vriendin kan krijgen, maar meestal wordt er op aangedrongen de donatie anoniem te houden. Dat vonden Steve en ik prima. Er kunnen later geen vragen zijn of discussies. We zouden dus op zoek gaan naar een eiceldonor voor het ziekenhuis, waardoor zij ons een eicel van een anonieme donor zouden schenken. Je maakt dus iemand anders gelukkig door naar een donor te zoeken, en krijgt er zelf wat moois voor terug. Maar we wilden wel graag dat het klikte met Ellen. Dat we ons goed zouden voelen bij haar. En we wilden natuurlijk erg graag dat ze het zou willen doen. Het is voor een eiceldonor een lange weg die niet te onderschatten is. Als donor krijgt Ellen er zelf weinig voor terug en weet ze niet aan wie ze haar eicellen schenkt. Ze moet een hormonenkuur volgen en regelmatig naar het ziekenhuis op onderzoek. Eiceldonatie doe je niet in één dag. Wij vinden het dan ook belangrijk dat we er kunnen zijn voor haar. In de voorbije zes maanden waarin ze alle psychische en lichamelijke testen doormaakte en werd goedgekeurd als donor, is ze een vriendin geworden. Een vriendin die we heel erg dankbaar zijn. Want deze maand was het zover. Ik heb in het ziekenhuis een eitje gekregen, een bevruchte eicel. Theoretisch gezien ben je dan zwanger, maar mijn lichaam moest de zwangerschap nog aanvaarden. Het waren enkele spannende weken en even leek het alsof het allemaal lukte. Maar deze week hebben we gehoord dat de testresultaten negatief zijn. We wachten nog even af, maar zullen het dan opnieuw proberen. We geven de moed nog niet op. We blijven hopen op ons eigen kindje. Nog even.'
Door Annelies Vanoppen
Goed Gevoel, augustus 2008