Tips om fit te zijn tijdens de nachtdienst
Eet licht en gezond en zoveel mogelijk op hetzelfde tijdstip. Neem rustig de tijd om te eten.
Eet een warme maaltijd thuis samen met je partner of gezin, of voor middernacht op je werk.
Een eiwitrijke maaltijd (vlees, vis, kaas) in het begin van je dienst houdt je wakker, een koolhydraatrijke maaltijd (brood, pasta, rijst) in het tweede deel van de nacht geeft je energie.
Zorg voor voldoende vezels (groenten, bruin brood) in je voeding.
Vermijd sterk gekruide maaltijden, die irriteren je maag.
Vermijd suiker: dat geeft je eerst extra energie maar nadien zak je weg in een dip en word je slaperig.
Zorg tussen twee en vijf voor variatie in je werk en zoek contact met je collega's om de moeilijkste uren van de nacht makkelijker door te komen.
Zorg voor een goed verlichte werkplek.
Ban monotone geluiden zoals het gezoem van een computer; die maken je slaperig.
Doe een dutje net voor je met de nachtdienst start of knap een uiltje midden in de nacht als je werkschema en je werkgever dat toelaten.
Zorg overdag voor minstens zeven uur kwaliteitsvolle slaap, dutjes meegerekend.
Rij voorzichtig naar huis, doe eerst een dutje als je te slaperig bent.
Maak de dag voor je met nachtdienst start niet te vermoeiend en doe een dutje in de namiddag.
De beste manier om 's nachts fit te zijn is overdag goed te slapen.
Tips om goed te slapen overdag Beperk koffie, thee, cola en chocola in het tweede deel van je nachtdienst.
Heb je een verantwoordelijke taak, neem dan de tijd voor het verslag aan de dagploeg, zodat je de gebeurtenissen van de nacht los kunt laten.
Zet een zonnebril op bij een heldere en zonnige ochtend wanneer je naar huis rijdt.
Neem een lichte snack voor je gaat slapen zodat je geen honger hebt.
Beperk alcohol en roken voor je gaat slapen.
Maak je slaapkamer donker, stil en aangenaam van temperatuur.
Zet je gsm af, trek je telefoon uit, schakel de deurbel uit.
Gebruik oordoppen wanneer er te veel lawaai is.
Hou je aan een vast slaapritueel.
Ga na je nachtdienst meteen naar bed. Stel klussen tot later uit.
Zorg voor voldoende beweging tijdens je vrije tijd.
'Wanneer je het licht op je werkplek tegen de ochtend wat dimt, bereidt je lichaam zich voor op zijn eigen 'nacht'.
Wanneer je overdag slaapt, kun je het daglicht buitensluiten met een zwart masker voor je ogen.
Tips om vlot om te schakelen Doe maximaal drie tot vier nachtdiensten na elkaar. Dan past je lichaam zich nog niet volledig aan het nachtritme aan en is omschakelen nadien makkelijker.
Deeltijds werken in korte reeksen verwerk je beter dan een voltijdse baan in lange reeksen.
De nachten voor je eerste nachtdienst kun je telkens een tot twee uur later gaan slapen en later opstaan, als dat in je gezin- en werkschema past. Zo verschuif je je bioritme al wat.
In ploegenarbeid? Verschuif je diensten van de ochtend naar de namiddag en dan naar de nacht, met de klok mee.
Slaap de dag na je laatste nachtdienst kort en slaap de volgende nacht lekker lang uit.
Zorg voor vaste momenten om samen te zijn met je partner of gezin, voor sport en ontspanning.
Vraag een tijdige planning van je werkschema, zodat je andere activiteiten kunt plannen.
Eet geen volledige maaltijd gedurende de nacht. Dan stuur je je bioritme niet in de war
Een troost: als je overdag niet goed hebt geslapen, schakel je na je nachtdienst makkelijker over op het dagritme.
Vrije keuzeIn principe geldt in Belgiƫ een verbod op nachtarbeid, maar er zijn zoveel uitzonderingen dat toch heel wat mensen 's nachts aan de slag zijn. Meedraaien in een ploegenstelsel met ochtend-, avond- en nachtdiensten kan tot je gewone opdracht behoren. Permanent 's nachts werken is steeds een vrije keuze, een werkgever kan je dat niet opleggen. In bepaalde omstandigheden kun je vragen om over te schakelen van de permanente nachtdienst naar de dagdienst, bijvoorbeeld als je zwanger bent of gezondheidsproblemen hebt.
ArbeidsgeneesheerBen je als nachtwerker op zoek naar advies, dan kun je naar de arbeidsgeneesheer van je tewerkstellingsplaats stappen. Hij is op de hoogte van je werkomstandigheden en hij kan je praktische raad geven door bijvoorbeeld aanpassingen aan je werkschema voor te stellen. Een gesprek bij een bedrijfsarts valt onder het beroepsgeheim. Hij zal je als nachtwerker ook jaarlijks op onderzoek vragen indien je taak een hoge concentratie vraagt of net heel erg monotoon is. Anders ziet hij je iedere drie jaar. Een afspraak bij de arbeidsgeneesheer geldt als werktijd.
VergoedingNachtdienst geeft je steeds recht op een extra financiƫle vergoeding. Tussen twee diensten moet je een rusttijd hebben van minstens elf uur. Je mag per etmaal maximaal elf uur werken en per week maximaal vijftig uur. Over een periode van drie maanden mag je gemiddeld niet meer gewerkt hebben dan 38 uren per week. Je hebt recht op een pauze van 15 minuten wanneer je langer werkt dan zes uur.
Volgende brochures zijn gratis te bestellen:
'Wegwijs in de nachtarbeidreglementering en de vermindering van de ongemakken', bij de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg op tel. 02/233.42.11 of via www.meta.fgov.be
'Voedings-, slaapadviezen en reglementering omtrent nachtarbeid', bij NVKVV, beroepsvereniging voor verpleegkundigen en vroedvrouwen, op tel. 02/732.10.50 of via www.nvkvv.be.
(Goed Gevoel)