Redactrices Liesbeth en Margo geven hun zelfvertrouwen een boost

doorLiesbeth De Corteop 09/08/2019

Geloof in je kunnen. Wees milder voor jezelf. Het wemelt van de softe spreuken op sociale media en het internet. Niet onlogisch, als je weet dat de gemiddelde Goed Gevoel-lezeres zichzelf maar een 6,2 op 10 geeft op de zelfvertrouwenschaal. Kan je eraan werken? Gelukkig wel.

Redactrices Liesbeth en Margo testten eerder al hypnose uit. Nu slaan ze ook elk een andere weg in om het geloof in zichzelf een boost te geven. 

Het traject van Liesbeth

Liesbeth: ‘Mijn vat van zelfliefde loopt niet over. Ik mag aardiger zijn voor mezelf. Ik lees het boek Sterk! van zelfvertrouwencoach Nele De Boeck en beslis haar onlinecursus van een maand te volgen. Niet te therapeutisch, wel een traject voor thuis. Zij zal me vier weken begeleiden. Elke dag krijg ik ’s ochtends en ’s avonds een mail. ‘Aan je zelfbeeld kan je werken’, verzekert ze. Maar: ‘In een maand kan je niet rechttrekken wat al jaren fout loopt. Maar het zal ervoor zorgen dat je minder naar aandacht van anderen hengelt.’ De eerste dagen krijg ik vooral inspirerende quotes en opdrachten. Ik moet leuke zaken over mezelf neerpennen of in de spiegel kijken en hardop zeggen dat ik mezelf graag zie. Of mezelf positieve zinnen à la ‘Ik ben fantastisch’ toefluisteren. Het voelt onwennig, dus ik besluit mijn coach in het echt te ontmoeten.’ 

Een gebrek aan zelfwaarde heeft veel te maken met nurture, legt Nele uit. ‘Je ouders doen hun best. Toch kunnen ze fouten maken. Kinderen verplichten om een vreemde een zoen te geven. Te streng zijn of te veel betuttelen.’ Nele weet waarover ze spreekt: ‘Mijn vader gaf op alles commentaar, waardoor mijn zelfvertrouwen op een laag pitje stond. Jaren geleden besliste ik om niet bij de pakken te blijven zitten.’ Zelfvertrouwen is als een spier die je moet trainen en de beste work-out is volgens haar herhaling. ‘Net zoals de dokter medicatie voorschrijft, schrijf ik positieve zinnen voor. Een mens heeft elke dag 60.000 gedachten, de meeste onbewust. Door bewust bepaalde zinnen te herhalen, kan je zelfvertrouwen opbouwen.’ Ze ziet
mijn sceptische blik. ‘Veel mensen doen het al jaren, maar fout. Ze halen zichzelf naar beneden. Als je maar
vaak genoeg affirmaties herhaalt, kan je de foute software eruit halen en de situatie kenteren.’ Zo’n mantra kan simpel zijn. ‘Wil je aan jezelf bewijzen dat je meer in je mars hebt? Neem dan een voorbeeld aan Pippi Langkous, die zei: ‘Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het kan.’ De volgende weken probeer ik elke mail van Nele met ene open blik te bekijken. Ik ga op zoek naar een mantra dat me op het lijf geschreven is. Als ik als een reus moet rondparaderen – groot, met de schouders naar achteren – dan doe ik dat. Moet ik mijn huis volhangen met post-its met bemoedigende woorden? Dat werpt zijn vruchten af. Ik sta versteld van de inzichten die ik verworven heb. Ik weet welke waar- den ik belangrijk vind. Ik bezit kwaliteiten en eigen- schappen waar ik trots op mag zijn. Ik durf spontaner te zijn: in een discussie zeg ik wat er op mijn hart ligt. Zon- der te tobben of ik iemand gekwetst heb. Mijn innerlijke criticus voor altijd het zwijgen opleggen, lukt niet. Maar hij krijgt concurrentie van een stem die me geruststelt. Want er zullen altijd momenten zijn dat het tegenzit. Gelukkig merk ik dat die steeds minder lang duren. En die positieve zinnetjes? Die zeg ik stiekem elke dag. 

Meer info over Nele De Boeck: www.neledeboeck.be. 

Het traject van Margo

Margo: ‘Als ik aanklop bij hr-experte en perfectionismecoach Ann Devynck, valt ze met de deur in huis: ‘Je bent verslaafd.’ Nadat ik me net niet verslik in mijn water, gaat ze verder. ‘Perfectionisten zijn verslaafd aan schouderklopjes. Alles wat mensen zoals jullie doen, gaat uit van extrinsieke motivatie. Jullie verwachten een beloning.’ Maar niemand wordt geboren als perfectionist, zegt ze: ‘Een baby is een vrij kind, maar je opvoeding zorgt ervoor dat je jezelf verwachtingen gaat opleggen. 

Je ouders willen goede punten, de maatschappij vraagt dat je er op een bepaalde manier uitziet. De ene is gevoeliger voor die druk dan de andere.’ Maar perfectionisme is niet per se slecht. ‘Het geeft ons leven structuur, dankzij je perfectionisme haal jij je deadlines en ben je een goede journaliste. Krijg je er last van en merk je dat het je leven niet meer bevordert? Dan moet je er iets aan doen.’ Ik vul een vragenlijst in om te zien hoe diepgeworteld de criticus in mij is. Daar gaat Ann mee aan de slag. Meteen valt een gelijkenis met de hypnosesessies op: ook Ann werkt met mijn onderbewustzijn, al spreekt zij over het onbewuste.
We gaan terug in de tijd. Samen zoeken we het laatste moment waarop ik mezelf geen druk oplegde. Waarna ik mijn twee ‘delen’ moet benoemen. Het perfectionistische deel en het deel in
mij vol zelfvertrouwen. Daarna is het tijd voor het echte werk: Ann gaat een gesprek aan met mijn beide delen. Steeds meer dringt het tot me door: misschien is die dwingende kant zo slecht niet, maar moet hij gewoon minder aanwezig zijn. Als mijn hersenen overuren draaien en ik mezelf ongezond push, moet ik een stap terug- zetten en de vraag stellen waarom ik dat doe. Heeft het zin? Word ik hier gelukkiger van? Misschien hoeft het niet altijd 10 op 10 zijn. Ik mag af en toe milder zijn voor mezelf. Ik krijg huiswerk mee. Elke avond mag ik met mijn delen contact maken. Een soort rustmoment waarin ik mag observeren, hen beiden leer appreciëren. Zonder oordeel, maar met heel veel dankbaarheid. Vaarwel gepieker, hallo zoete dromen!