Column Burn-Out: Aan het werk, week drie

Doortje is 35, getrouwd met haar man en gelukkig met haar job achter de schermen bij een bank. Ze geniet van sport en spel, van vrienden en familie, van buitenzijn en dansen. Begin juli 2017 bereikt ze echter haar limiet. Doortje krijgt een burn-out en herstelt momenteel met vallen en opstaan. Haar verhaal volg je in deze column. 

burnout

Mijn droom om weer te mogen werken is sinds twee weken werkelijkheid. De optimist in mij geloofde dat werken het medicijn was om de voorbije zes maanden uit te wissen. Een dikke punt achter die ellendige maanden verplicht verlof. Een dikke punt achter die draaikolk van emoties en vermoeidheid.

Ik voel me weer goed. Ik pieker niet meer. Ik slaap iedere nacht als een roosje. Ik word nooit uitgeput en veel te vroeg wakker. Ik fladder als een vlindertje door het leven en geniet van iedere seconde. Iedere seconde die ik moest missen op weg naar mijn burn-out.
De realiteit onderbreekt joelend mijn nachtelijke dromen. Draaiend in bed door gepieker, door gewoel, door onzekerheid. Mijn leven staat onder een joekel van een loep waarin ik ieder puistje in wording zie en met een hamer te lijf wil gaan.

Drama Doortje kijkt nu naar de feiten: ik ben twee weken aan het werk. Ik moet niets presteren. Ik moet geen uren kloppen. Ik moet helemaal niets. Ik moet enkel toegeven dat ik dit werkregime niet zo goed verdraag. Ik voel me nutteloos, ik besef onvoldoende dat deze inwerktijd nodig, noodzakelijk is. De tijd van nutteloos toekijken is nieuw voor me. Deze tijd is een oefening in leer-niet-te-hollen-rennen-en-mezelf-bewijzen-blind-voor-wat-ik-niet-zien-wil. Meer nog: ik ben verplicht om te kijken naar wat er gebeurt. Ik ben verplicht om te voelen. Ik ben verplicht om afstand te leren nemen van die werkgerelateerde gevoelens. Ik ben verplicht om mezelf het geluk te gunnen waar ik naar snak. Ik word met mijn neus op de hangende conflicten gedrukt. Ik word met mijn neus op mijn dadendrang gedrukt. Liefst van al zou ik er met een grote spurt rondom fietsen, aangedreven door de motor van een straaljager. Maar dat gaat niet. Ik heb gekozen weer aan de slag te gaan en heb enkel een step bij, waardoor ik niet snel kan vorderen, maar ook niet met een smak tegen de grond kan gaan. Ik moet enkel kijken en mezelf af en toe een duwtje geven.

Mijn enige oefening nu is wennen aan de situatie, aan omgaan met verplichtingen, leren op mijn tanden bijten bij conflicten, leren om mijn mening te verwoorden en die van de anderen te aanhoren. Leren om mezelf een pauze te gunnen als ik moe ben.

Ben ik nu gepromoveerd? Ik lijk wel een oude droom te verwezenlijken. Ik mag mijn eigen baas zijn en goed voor mezelf zorgen.