Column Burn-Out: De kunst van het moeten

Doortje is 35, getrouwd met haar man en gelukkig met haar job achter de schermen bij een bank. Ze geniet van sport en spel, van vrienden en familie, van buitenzijn en dansen. Begin juli 2017 bereikt ze echter haar limiet. Doortje krijgt een burn-out en herstelt momenteel met vallen en opstaan. Haar verhaal volg je in deze column. 

burnout

Herstellen van een burn-out is een kunst op zich. Mijn burn-out kwam plots opzetten na een jarenlange oefening van moeten, doorzetten, mezelf bewijzen en mijn eigen behoeftes wegcijferen.  Nu ik mijn energiereserves heb aangevuld en mezelf klaar maak voor de wereld buiten mijn zelfgesponnen, maar afgedwongen cocon sta ik voor een dilemma. Mijn energie heb ik kunnen aanvullen door te leven volgens het boekje: structuur is goed, laat opblijven is slecht, conflicten zijn uit den boze, communiceren is het codewoord, meditatie- en wandelmomenten moet je plukken. Ik weet perfect dat ik best iedere dag op hetzelfde uur opsta en ga slapen, dat ik bij voorkeur minimaal een uur buiten in de natuur vertoef, dat ik dagelijks tijd voor mezelf moet inbouwen. Ik weet haarfijn hoe ik mijn dag moet doorbrengen zonder af te wijken van dat veilige recht gebaande en keurig aangelegde pad. De meesteres in het realiseren van haar doelen weet wat er moet gebeuren. Toch ontdekte die meesteres dat langs dat rechte pad nog zo veel te beleven is. Zaken die niet in de bijbel der herstel staan. Zaken die leiden tot iets anders dan het doel van de dag. Zaken die het bereiken van de hemel mogelijk vertragen. Maar die de reis wel aangenamer maken.

Bestaat het normale leven uit opstaan, de ochtendrush in, impulsen ontvangen, dingen doen, dingen goed doen en perfect zijn voor de buitenwereld? Als ik er op die manier naar kijk, dan wordt dat normale leven geen plezier. Waarom zou ik opnieuw in het leven willen stappen op de manier die mijn burn-out veroorzaakt heeft? Waarom zou ik mijn burn-out bestrijden met de middelen die me dwongen om te stoppen met door te gaan? Het antwoord is even simpel als moeilijk. Ik heb gedurende mijn herstelperiode nieuwe dingen gedaan of gelaten, maar ik heb nog geen knopje omgedraaid dat me leert te leven in de Grote Boze Wereld op mijn eigen manier. Hoog tijd voor verandering dus.

Ik neem me voor om niet meer te starten met de vraag: is deze actie, is deze reactie, is dit handelen of dit laten herstelbevorderend? Ik neem me voor om dat ballonnetje te laten waaien in de wind onder het dichte wolkenpak van vandaag. Ik neem me voor om gewoon te leven, zonder streven. Zonder streven naar beterschap. Ik neem me voor om me niet meer als patient te zien, maar als persoon met behoeftes en goestinkjes die ze wil volgen. Gewoon. Niet meer om beter te worden, maar gewoon omdat het goed voelt. Ik neem me voor dat ik me niet meer voorneem, maar mezelf een eigen leven toesta.

Uiteraard neem ik mijn knipperlichtjes mee op trip. Als ik buikkrampen krijg, als ik gillend van de angst om drie uur wakker schiet om nadien de slaap te verruilen voor een kilo zakdoeken, dan lees ik opnieuw aandachtig mijn bijbel. Dan zal ik dat rechte pad weer opklauteren om niet verloren te rijden. Dan zal ik een baaldag of baaldagen inbouwen. Maar moet ik alle dagen leven met een handleiding voor het perfecte leven in aanslag? Ik denk het niet. Ik ga het eens proberen en kijk nu al uit naar de horizon die verder rijkt dan mijn geliefde cocon.