Waarom de mens van dansen houdt en het nu zo mist: “Evolutionair gezien vergroot dansen je overlevingskansen”

doorRoxanne Wellensop 13/05/2021

We missen het massaal: dansen. De tickets voor het Stu Bru-evenement ‘I Want To Dance Again’ vlogen sinds de aankondiging in januari zo snel de deur uit dat het dansfeest na corona (datum: nog te bepalen) van de Lotto Arena naar het Sportpaleis verhuist. Op de Internationale Dag van de Dans staan we stil bij dans als wondermiddel. Want wist je dat dansen helpt bij ziektes, sombere gevoelens en zelfs het verwerken van trauma’s? Drie experts geven uitleg, onze redactrice test een sessie dans- en bewegingstherapie.

“Dansen is multimodaal. Dat wil zeggen dat het meer is dan alleen een fysieke activiteit, want er is ook een emotioneel en een mentaal aspect aan verbonden”, zegt kinesitherapeut dr. Fanny Van Geel, die het effect van dansen op MS onderzoekt. “Juist daarom is het een effectieve ­therapie tegen MS.”

Multiple sclerose is een auto-immuunziekte, waarbij het eigen lichaam het zenuwstelsel aanvalt, met problemen zoals krachtverlies, evenwichtsstoornissen, en vaak ook buitengewone vermoeidheidsklachten tot gevolg. “Door die vermoeidheid daalt de levenskwaliteit van patiënten enorm. Daarom zoeken we steeds naar hulpmiddelen.” 

Dansen met MS

En dansen is zo’n hulpmiddel, zo blijkt uit een recent onderzoek van Van Geel. De expert, zelf danseres, leerde een kleine groep mensen met MS ­gedurende tien weken verschillende choreografieën aan. Ze kwamen twee keer per week anderhalf uur samen om te trainen. “Ik heb bewust voor choreografie gekozen’, zegt dr. Van Geel. ‘Vermoeidheid is meer dan ­alleen lichamelijk, het is ook mentaal. Dat uit zich in concentratieproblemen, of het maken van fouten. Daarom leek het me zinvol om ook een cognitieve training in mijn ­onderzoek te verwerken. Dans je een choreografie, dan beweeg én denk je, want je moet de pasjes onthouden.”

Wat bleek? Na tien weken waren de motorische functies van alle deelnemers erop vooruitgegaan. Ze waren minder bang om te vallen, hun evenwicht was sterk verbeterd, ze voelden zich krachtiger én zelfverzekerder. Dr. Van Geel: “Een van de deelnemers kreeg tijdens de opwarming haar been niet in de lucht. Dat frustreerde haar enorm. Maar na die tien weken lukte het haar prima.” 

Ook de vermoeidheidsklachten van de deelnemers daalden spectaculair. “De patiënten gaven na de studie aan dat hun vermoeidheid niet meer zo’n grote impact had op hun leven. Het was er nog, maar het overheerste niet langer. De meeste deelnemers zijn dan ook blijven dansen, en volgen nu zelfs les in een gewone dansschool. Dat zorgt natuurlijk voor een enorme boost van hun zelfvertrouwen.”

Er zijn nog studies die de positieve effecten van dans aantonen op MS, maar ook op andere chronische ziektes. Zo zou dans ook helpen bij parkinson, en zelfs bij dementie. ‘Ook mensen zonder ziekte hebben er baat bij’, zegt de expert nog. “Af en toe alles losgooien in de woonkamer zal geen langdurige fysieke voordelen hebben, maar je zal je erna wél beter voelen.”

Muzikaal beestje

Dansen doe je altijd op muziek, of je die nu écht hoort of hem uit je herinnering opvist. En dat maakt gelukkig. “Mensen zijn ­muzikale beestjes”, zegt musicologe dr. Edith Van Dyck, die de effecten van muziek op mensen onderzoekt. “Muzikaliteit is eigen aan de mens en onderscheidt ons van de meeste dieren. Het is dan ook iets wat je terugvindt in elke cultuur. Tijdens het luisteren naar muziek die we goed vinden, maken onze hersenen onder andere dopamine aan, het gelukshormoon. Ook wanneer je danst komt er dopamine vrij, samen met andere stoffen die je stemming verbeteren, zoals oxytocine, serotonine en endorfine. Gevoelens van neerslachtigheid en pijn nemen af en je krijgt meer zelfvertrouwen.” 

Dansen op muziek waar je van houdt, zorgt dus voor een geluksboost. Dat we ons zo aangetrokken voelen tot muziek, is logisch te verklaren. “Muziek stimuleert onder meer onze motorische cortex (deel van de hersenen dat betrokken is bij de voorbereiding van bewegingen, red.), dus voelen we een natuurlijke drang om te bewegen. Dáárom kan je zelfs tijdens een klassiek concert soms niet stilzitten.” 

En dat is nog maar het effect van muziek wanneer je alleen bent. Dans je samen met anderen op muziek, dan zorgt het sociale aspect ook nog eens voor een goed gevoel. “Muziek werkt verbindend. En samen dansen versterkt nog meer het gevoel van ­samenhorigheid. Je voelt je minder alleen als je met anderen hebt ­gedanst.”

Dr. Van Dyck: ‘Al sinds mensenheugenis wordt dans gebruikt om te vieren, maar ook om tegenslag te verwerken. Samen dansen creëert samenhorigheid. Daardoor vertrouw je de ander meer. Dat is nodig voor goed samenwerken. Evolutionair gezien vergroot dansen dus zelfs je kansen op overleving."

Shaken voor de liefde

Dans je niet graag wegens ‘geen gevoel voor ritme’? Dat is dan geen excuus meer. “Wie beweert een ritmegevoel te missen, liegt bijna altijd”, lacht de expert. “We zijn inherent ritmische wezens en hebben op een paar uitzonderingen na, allemaal maatgevoel. Hoe we op muziek reageren, kan bij de ene wel wat gekunstelder overkomen dan bij de andere. Dat hangt af van onze persoonlijkheid, maar is vaak ook cultureel bepaald. In onze Belgische cultuur dansen mannen doorgaans minder snel. Dat ligt in andere culturen anders. Evolutionair gezien zijn het doorgaans de mannen die hun danstalenten etaleren om vrouwen te imponeren.” En ook vandaag shaken velen er nog steeds op los om indruk te maken op hun love interest, want wie wil nu geen partner die goed kan dansen?

Vast in je hoofd

Wist je trouwens dat dansen ook een therapievorm is? Eentje die zich vooral focust op het lichaam, omdat we al zoveel in ons hoofd zitten. Werp een blik op onze jobs, die zich vooral sedentair achter een scherm afspelen, en je weet genoeg. Sterker nog, veel mensen zitten zo vast in hun hoofd dat ze het contact met hun lijf kwijt zijn. Dans- en bewegingstherapeut Rosana Pinheiro: “We zijn in beweging geboren en verkennen ook zo de ­wereld: we spartelen, kruipen, stappen, vallen en staan op. En dan gaan we naar school en moeten we plots de hele dag stilzitten. Tegen de tijd dat ze volwassen zijn, doen de meesten dat nog steeds. Dan komen mensen naar mij en zeggen ze: ik wil opnieuw ­kunnen voelen.”

Er is nog een reden die maakt dat we het contact met ons lichaam verliezen: trauma. “In ons leven gebeuren er dingen die ons kwetsen”, legt de expert uit. “Vaak is die pijn zo diep dat ons lichaam in overlevingsmodus schiet. Dat uit zich op verschillende manieren. Sommige mensen stoppen met voelen, zijn wazig en suf. Andere worden juist overspoeld door emoties en gaan piekeren, of krijgen paniek­aanvallen. De basis blijft hetzelfde: het trauma zet zich vast, en wordt telkens getriggerd door gebeurtenissen in ons leven. Het gevolg? Je zenuwstelsel raakt uit balans en je lichaam blijft in overlevingsmodus, soms jarenlang. De pijn stapelt zich op en je voelt je steeds onveiliger. Danstherapie helpt om je daarvan bewust te worden, zodat je zenuwstelsel kan kalmeren en je opnieuw een gevoel van basisveiligheid krijgt.” 

De taal van je lijf

Dans- en bewegingstherapie herstelt het contact met je lichaam, zodat je de pijn stukje bij beetje kan toelaten. Op die manier zorgen veranderingen in het lichaam ook voor emotionele en mentale verandering. Pinheiro: “Het is de bedoeling dat mensen zich weer veilig voelen in hun lijf. Daarom beginnen we vaak met simpele bewegingen. Iemand die altijd druk, druk, druk is, zal misschien traag moeten wandelen in de ruimte. Voet per voet, zodat hij zijn hele voetzool kan voelen rollen over de grond. Ik kan je verzekeren dat dat veel weerstand opwekt, want vertragen betekent ook bewuster je lichaam bewegen. In danstherapie vragen we ons af: waarom beweegt iemand zoals hij beweegt? Wat zit ­erachter? Die informatie gebruiken we als een ingang naar de achterliggende kwetsuren. En dat kan echt alles zijn: van een laag zelfbeeld of een burn-out tot een ingrijpende gebeurtenis zoals seksueel misbruik.” 

Redactrice Roxanne test dans- en bewegingstherapie uit: “Ongelooflijk hoe ze mijn lichaam leest”

Ik heb altijd iets met dansen gehad. Ik deed het als kind, en neem sinds kort balletles om mijn kinderdroom om ballerina te worden toch een beetje in vervulling te laten gaan. Maar mezelf écht laten gaan wanneer iemand kijkt? Dat vind ik pure horror. Daarom is het thema dat ik voor de proefsessie kies: de controle loslaten.

Ik bel aan bij Praktijk Groenstraat. Rosana Pinheiro, danstherapeut en expert in dit artikel, doet open en laat me de ruimte zien. Pas later vertelt ze dat ze me daar al observeerde. Hoe gebruik ik de ruimte? Hoe beweeg ik? Ze stelt me een paar vragen over mijn ‘controledrang’. Na een tiental minuten weet ze waar het schoentje wringt. “Iedereen heeft een andere aanpak nodig,” zegt ze, “dus nu gaan we op onderzoek.”

Geblinddoekt

Ze zet muziek op. We dansen lichaamsdeel per lichaamsdeel los. Ik begin met mijn enkels te draaien, zij spiegelt mijn beweging. Knieën, heupen, en zo omhoog tot het hoofd. Het bewegen gaat goed, maar haar blik maakt een oude angst in mij wakker: de angst om het niet goed te doen. 

Wanneer ik dat vertel, blinddoekt ze me. Ik moet mijn hand op haar schouder leggen. Ze begint traag, maar voert het tempo op. Ik ren plots achter haar aan, en geef me over. Het lukt, ik vertrouw haar. “Omdat je wist wat er zou gebeuren”, merkt ze terecht op. Daarna geeft ze me een voile en dans ik ermee. Ik gooi hem in de lucht, zwier hem rond. Maar ik blijf op mijn plaats. Ik ben bang om de hele ruimte te gebruiken, om de remmen los te gooien, om uitgelachen te worden, om wat ze van mij zal denken. Na de oefening vraagt ze hoe het voor me was en plots begint mijn lijf van links naar rechts te bewegen. Ik heb het eerst niet door, want Rosana pikt de beweging zo snel op dat ik denk dat ik degene ben die haar volgt. 

Overgave

“Dat is een beweging die je zenuwstelsel kalmeert.” Ik kijk haar met grote ogen aan. “Hoe langer je deze therapie doet, hoe meer je lijf zal aangeven.” Wat ze nog had gezien? Ik blijf inderdaad op één plek staan, waar ik me veilig voel. Mijn bewegingen zijn voorzichtig, en bevinden zich vooral rond mijn bovenlichaam. Ik maak weinig contact met mijn buik, bekkenbodem en benen. Grappig, tijdens de hele sessie vóélde ik een krop ter hoogte van mijn hart. Mezelf overgeven, daar was ik nog niet aan toe. ‘Dat is oké, het is je eerste keer’, stelt ze me gerust. Ik ben onder de indruk en voel me aangenaam leeg als ik naar buiten ga. Ik kan me perfect voorstellen dat de therapie werkt. Als ik niet al een therapietraject volgde, zou mijn volgende sessie al geboekt zijn.