7 barbecuetips voor beginners van Jeroen De Pauw

doorSarah Van De Vijverop 24/05/2017, laatst bijgewerkt op 22/05/2017

Met de zomer voor de deur wordt het tijd om de barbecue van onder het stof te halen. Ben je het verleerd of weet je niet zo goed hoe je eraan moet beginnen? Gebruik dan volgende tips van televisiekok Jeroen De Pauw en maak van jouw feestmaal een succes.

1. Voor welke barbecue moet je gaan: De houtskoolbarbecue, de gasbarbecue of de elektrische variant?

Jeroen De Pauw: ‘Je keuze hangt eerst en vooral af van je woonplaats. Woon je op een appartementje? Dan kies je beter voor een elektrische of gasbarbecue. Een houtskoolbarbecue is geschikter als je meer ruimte hebt. Ten tweede houd je rekening met het aantal monden die je moet voeden. Veel mensen hebben een grote barbecue, terwijl dat helemaal niet nodig is. Als je voor tien man of meer moet grillen, is een grotere barbecue een goede keuze, maar wat is de kans dat je voor zo’n grote groep moet koken? Je koopt beter een gewone, niet al te grote barbecue. Ook de grootte van de gril is belangrijk. Als er te veel plaats is tussen de staven van het raster, kan je vlees erdoor vallen. Kijk tenslotte altijd naar het materiaal waaruit de barbecue gemaakt is. Als je een ijzeren barbecue hebt en er is een fris windje, koelt die nogal snel af. Op die manier verliezen je kolen warmte en krijg je de temperatuur niet hoog genoeg om het vlees te kunnen bakken.’

2. Wat is dan precies het verschil tussen een gas- en houtskoolbarbecue?

‘Het zit hem vooral in de smaak. Als je voor de tweede variant kiest, kan je zowel met kolen als met hout smaak brengen aan je eten. Sowieso heb je de gegrilde, gebrande smaak, maar je kan daarbovenop nog andere aroma’s toevoegen. Denk maar aan kokosbriketten, olijvenhout of het hout dat afkomstig is van tonnen waar ooit whisky in zat.’
‘Ook bij gasbarbecues kan je smaakjes toevoegen. Zet een potje met appelhout en een klein beetje water op de plaat. Doordat het water verdampt, creëer je stoom. En die stoom verspreidt de aroma’s van het appelhout.’
‘Bij elektrische barbecues kan je met natuurlijke producten werken, zoals een ananasschil. Leg de schil van een ananas op je gril, door het sap in die schil zal er eveneens stoom ontstaan. Dit exotische smaakje past perfect bij kip of vis.’
‘Onthoud wel dat je enkel de echte, specifieke smaak van een gegrild stukje vlees verkrijgt als je met hout of kolen werkt. De keuze is aan jou.’

3. Gebruik jij zelf kokosbriketten of houtskool? Is er een verschil?

‘Ik werk meestal met kokosbriketten. Het grote voordeel is de ‘levensduur’, houtskool brandt veel sneller op, waardoor je meer moet gebruiken. Kokosbriketten daarentegen gaan langer mee en blijven langer warm, maar ze zijn wel ietsje duurder.’

4. Welk basisgereedschap moet je zeker in huis hebben?

‘Eigenlijk heb je niet zoveel nodig. Een tang is handig, maar je kan uiteindelijk je vlees ook omdraaien met een vork. Je haalt daarnaast best een citroen in huis. Ik gebruik die als afwasmiddel na het barbecueën zelf. Als ik klaar ben met grillen, laat ik de barbecue nog even branden. Zo verbrandt het aanbaksel, waardoor ik het met een metalen borstel gemakkelijk kan verwijderen. Daarna ga ik met een halve citroen over de gril terwijl die nog warm is. Het zuur maakt je plaat onmiddellijk proper. Het is een heel eenvoudig trucje en het werkt.’

Jeroen de Pauw, Foto: Njam.

5. Hoe steek je het best een houtskoolbarbecue aan?

‘Ik vind een schoorsteen handig, dat is eenvoudigweg een buis met een handvat. Je stopt de briketten of kolen in het schoorsteentje samen met een aanmaakblokje, je steekt dat blokje aan en na een kwartiertje zijn je kolen klaar. Zo simpel is het!’

6. Hoe voorkom je vlammen tijdens het bakken waardoor je vlees kan verbranden?

‘Dat kan je eigenlijk niet vermijden. De vlam slaat in de pan wanneer vet of olie op de kolen druipt. Als het vet van je vlees door de warmte smelt, sijpelt het op de kolen waardoor er vlammen ontstaan. Je kan de vlammen wel blussen met een beetje water. Doe in een sproeier wat water en sproei wanneer je vlammen ziet. Wat ook heel handig is, is een deksel. Als je een deksel op de barbecue plaatst, voorkom je eveneens die vlammen.’

7. Hoe voorkom je dat je vlees te droog wordt, maar toch gaar is?

‘Mensen bakken soms veel te hard. Je moet er eigenlijk voor zorgen dat je kolen goed doorbrand zijn vooraleer je het vlees op de gril legt. Als je kolen wit zien, zijn ze klaar. Ook heb je veel mensen die het vlees té lang op de rooster laten liggen, waardoor het zijn sappigheid verliest. Als je ziet dat je vlees bijna gaar is, leg het dan aan de zijkant van de gril, waar het koeler is. Op die manier kan het vlees rusten en behoudt het haar sappigheid’

Maak bovendien hier kans om op zaterdag 24 juni een BBQ demo met Jeroen De Pauw te winnen.