A-ha: daarom ben jij zo gek op gezouten karamel

doorNathalie Topsop 12/12/2018

Kan je het niet laten om die chocoladereep met gezouten karamel helemaal te verorberen van zodra je de kans hebt? Je bent niet de enige. En dat ligt niet (helemaal) aan een gebrek wilskracht, wel aan de reactie die de guilty pleasure in ons brein opwekt. Zeg dat de wetenschap het gezegd heeft.

Hoewel de Franse chocolatier Henri Le Roux de smaakcombinatie zo'n dertig jaar geleden al op de kaart zette, maakten we pas enkele jaren geleden kennis met de hemelse mix van suiker, zout en vet. Van chocoladerepen tot roomijs en pindakaas, we lusten hem wel, die gezouten karamel. De wetenschap levert ons vandaag het perfecte excuus om onze verslaving te verantwoorden: het zijn onze hersens die bij elke hap naar méér vragen.

Dat was althans de conclusie die uit een experiment van de universiteit van Florida naar voren kwam. Daarvoor schotelden wetenschappers 150 proefkonijnen gezouten karamel voor. Dat zij maar niet genoeg konden krijgen van de mengeling van vet, suiker en en zout bleek te wijten aan een fenomeen dat 'hedonic escalation' genoemd wordt. Oftewel: terwijl er bij het consumeren van iets zoet, zout of vet gaandeweg adaptie optreedt en we dus genoeg krijgen van de smaak, blijft ons brein bij elke hap die een combinatie van de drie bevat naar een volgende vragen. Elke keer 'ontdekken' onze smaakpapillen immers weer een andere smaak, waardoor er van gewennig geen sprake is.

Dat de verleidingskracht van gezouten karamel zo groot is, valt dus te wijten aan het effect dat het goedje op ons brein heeft. Omdat vet, suiker en zout ieder afzonderlijk chemische reacties in het brein triggeren die vergelijkbaar zijn met die veroorzaakt door een shot heroïne, werkt de mix van de drie als een superdrug: alles in je lijf schreeuwt om meer. En dus om dat extra stuk chocolade, of die lepel ijs of pindakaas.