Daarom haalde je als kind je neus op voor wat je nu heel lekker vindt

doorNele Annemansop 12/03/2018

Brak bij de gedachte aan spruitjes en witlof je als kind al het angstzweet uit, maar zet je nu niets liever op het menu? Daar is blijkbaar een heel logische verklaring voor.

Osteopaat en voedingsdeskundige Lynn De Merlier: 'Naarmate je ouder wordt, neemt de hoeveelheid smaakpapillen op je tong af. Baby’s en jonge kinderen hebben duizenden smaakpapillen, waardoor ze bepaalde smaken veel beter proeven. Voeding met een sterke smaak, zoals witlof of spruitjes, kan daardoor meestal op weinig bijval rekenen. Bitter en zuur wekken over het algemeen afkeer op. Zoet is bij zowat alle kinderen populair.'

'Op tienjarige leeftijd heb je nog maar de helft van je smaakpapillen over. Als je dertig bent, zit je aan amper tweehonderdvijftig. Die afname van het aantal smaakpapillen is meteen ook de reden waarom je sommige zaken die je als kind totaal niet lustte, nu wel graag eet. Als volwassene proef je minder, en net daardoor kan je veel meer verschillende smaken appreciëren. Smaken die voor een kind vaak nog veel te uitgesproken zijn.'

'Hoe ouder we worden, hoe sterker we onze voeding trouwens gaan kruiden. Als je kookt voor je grootouders, mag je met andere woorden iets kwistiger omspringen met de kruidenpotjes.'

Meer weten? ‘Goesting in gezondheid’ is verschenen bij M-Books (Standaard Uitgeverij) en kost € 24,99. Voor meer info: www.standaarduitgeverij.be.