De broze wolk: alles over pre-, post- en perinatale depressie

doorNathalie Topsop 22/07/2020

Niet elke zwangere vrouw is ‘in blijde verwachting’. An-Sofie Van Parys, vroedvrouw en psychologe, legt alles uit over pre-, post- en perinatale depressie.

Bij tien procent van de vrouwen maakt de roze wolk plaats voor een donkergrijze. Zij kampen met een prenatale depressie. Al kleven experts liever geen etiketjes, wél pleiten ze voor een verhoogde bewustwording. Want als mama zich niet goed voelt, neemt ook de baby een valse start. “Eén op de vijf jonge of aanstaande mama’s worstelt met psychologische problemen. Al deze klachten worden vaak over het hoofd gezien.”

Vergeet die roze wolk. Het is een broze wolk. Die niet mis te verstane boodschap springt meteen in het oog op de website van An-Sofie Van Parys, vroedvrouw, seksuologe, psychotherapeute en coördinator van het project van minister Jo Vandeurzen (CD&V) rond perinatale mentale gezondheid voor Oost- en West-Vlaanderen.

“Een zwangerschap is een emotionele periode die zowel op een heel positieve als op een negatieve manier intens is. Dat laatste wordt helaas al te vaak over het hoofd gezien. Of gesust met de boodschap dat al die kwaaltjes maar tijdelijk zijn en je per slot van rekening toch het mooiste cadeau ter wereld draagt. Maar niet alle vrouwen vinden het fantastisch om zwanger te zijn. Voor sommigen is het een nachtmerrie.” 

“Anderen worstelen met twijfels en angsten die ze niet durven uitspreken. Ook dat moet belicht worden. Helaas is er voor mama’s in spe zelden ruimte om hun gevoelens op tafel te gooien. Tijdens een klassieke verloskundige anamnese wordt de bloeddruk gemeten, het BMI bepaald en de levensstijl in kaart gebracht. Of je rookt, alcohol drinkt, diabetes of andere gezondheidsproblemen hebt. Slechts sporadisch wordt er gepeild naar psychiatrische stoornissen of problemen in de familie op psychisch vlak. Terwijl psychische problemen soms veel harder doorwegen dan drink- of rookgedrag.”

1 op de 10 krijgt ermee te maken

Prenatale depressie – oftewel depressie tijdens de zwangerschap – blijft dan ook vaak onder de radar. Onbekend maakt onbehandeld, legt de vroedvrouw en psychotherapeute uit. “Zowel in de media, in onderzoek als in de samenleving ligt de focus heel sterk op postnatale depressie. Die toegenomen bewustwording is goed, maar gaat voorbij aan het feit dat het gros van de postnatale depressies zich al tijdens de zwangerschap manifesteert. Cijfermatig zou tien procent van de zwangere vrouwen met een prenatale depressie kampen, vijftien procent heeft een postnatale depressie. Eén op de vijf jonge of aanstaande mama’s worstelt met psychologische problemen. Een grote constante: al deze klachten worden vaak over het hoofd gezien.”

Flinterdunne grens

De symptomen zijn dezelfde als die van een ‘normale depressie’ – onder meer somberheid, verlies van energie en interesse, slaapproblemen en verandering in eetlust – maar desondanks ligt de diagnose niet altijd voor de hand. “De grens tussen wat normale zwangerschapsemoties en -kwaaltjes zijn en wat problematisch is, blijft flinterdun. Er bestaat een grote grijze zone. Ook voor hulpverleners is de lijn niet altijd te trekken. Laat staat voor de patiënten zelf.” 

“Daarnaast zijn artsen en verpleegkundigen niet altijd goed opgeleid om mentale problemen op te merken en hebben ze vaak te weinig tijd. Tegelijk lijkt ongelukkig zwanger zijn tegenstrijdig. En als deze vrouwen dan over de figuurlijke drempel durven stappen en hun donkere gedachten uitspreken, worden die soms afgedaan als hormonale schommelingen die wel over zullen gaan. Terwijl het absoluut niet wetenschappelijk bewezen is dat depressieve gevoelens veroorzaakt worden door veranderingen in de hormoonhuishouding”, aldus Van Parys.

Emotionele schommelingen zijn zwangere vrouwen sowieso niet vreemd. An-Sofie Van Parys benadrukt dat het om symptomen gaat die lang aanhouden en erg overheersend zijn. “Af en toe een dipje is normaal. Maandenlang lusteloos op de bank hangen is dat niet. In het algemeen spreken we van een depressie als de symptomen zich minstens twee weken lang min of meer constant manifesteren en een impact hebben op het dagelijks functioneren.”

Hoe gaat het echt?

Het niet meer ervaren van vreugde – of anhedonie – is dus een alarmerend signaal. Maar ook als er geen vuiltje aan de lucht lijkt, kan er vanbinnen wel degelijk van alles woekeren. “Sommige mensen externaliseren hun depressie. Door harder te gaan werken, meer te gaan sporten of op een ander vlak in extremen te vervallen, proberen ze te vluchten voor hun gevoelens. Tot de man met de hamer komt. Soms hoor je verhalen van vrouwen die een zwangerschap hadden waarvoor superlatieven tekortschoten – ‘Op achtenhalf maanden stond ik nog te tennissen’ – maar vlak na de bevalling pardoes in een postnatale depressie tuimelden. Als je hun relaas grondig onder de loep neemt, zie je meestal dat er vooraf al duidelijke indicaties waren dat er iets niet helemaal juist zat.”

“Depressies heb je dan ook in alle maten, soorten en gewichten”, vervolgt de vroedvrouw. “Als het woord valt, zijn mensen geneigd om te ontkennen, genre: ‘Ik moet niet de hele dag huilen, dus dat kan niet.’ Daarom plak ik liever geen etiketten: het werkt contraproductief.”

Wat wel werkt, is oprechte interesse. “Mensen zijn echt wel goede barometers. Een simpele – maar gemeende – ‘hoe gaat het?’ kan het begin zijn. Lukt het nog om dingen leuk te vinden? Kan je nog genieten? Wat zijn je interesses? Wat geeft je plezier? Hulpverleners moeten durven doorvragen, dit kost geen massa’s tijd en je kan er weinig fout mee doen.”

Liever perinataal

Ook de periode waarin de prenatale depressie aan de oppervlakte komt, durft verschillen. Sommige vrouwen krijgen direct na de conceptie last van depressieve klachten. Bij anderen komen die pas later. Ook kan een miskraam, een zwangerschapswens die niet vervuld raakt of een abortus een prenatale depressie triggeren. 

Of een prenatale depressie kan doorlopen in een postnatale depressie? Daarom hebben experts het liever over een perinatale depressie. “Dat wil zeggen ‘rond de zwangerschap’.” Al definieert niet iedereen het begrip op dezelfde manier. “De Wereldgezondheidsorganisatie ziet het als de periode vanaf de 22ste week van de zwangerschap tot 1 week na de bevalling. Dat is een te enge omschrijving. In de psychische zorg zien we ‘perinataal’ als een ruimer begrip: vanaf de conceptie – of preconceptie, aangezien mensen die aankloppen met een kinderwens niet altijd meteen zwanger zijn – tot zeker een jaar na de bevalling. Wij pleiten voor een verhoogde aandacht in heel die periode.”

Waarom of wanneer een perinatale depressie ontstaat, is niet helemaal duidelijk. “De oorzaak is vermoedelijk een cocktail van allerlei risicofactoren als genetische kwetsbaarheid, een ongeplande zwangerschap of een zwangerschap vol complicaties, relationele problemen en geweld, alcohol- en druggebruik en persoonlijkheidsfactoren zoals perfectionisme of controledrang. Het hormonale verhaal staat ter discussie. Dat slaap belangrijk is, staat vast: als er op dat vlak iets fout loopt, valt de rest als dominosteentjes. Recent kwam er nog een neurobiologische denkpiste bij. We weten dat de hersenen van zwangere vrouwen groeien. Ook worden er nieuwe verbindingen gelegd die hen voorbereiden op hun rol. Als de grijze massa niet of te traag in volume daalt, zou dat kunnen resulteren in psychische problemen.”

Problemen in het babybrein

Wat sowieso wel onomstotelijk bewezen is: als de mama zich niet goed voelt, neemt ook de baby een valse start. “Op zowel fysiek als mentaal vlak. Zo hebben mama’s die het psychisch moeilijk hebben tijdens de zwangerschap een veel groter risico op vroeggeboren baby’s, kindjes met een laag geboortegewicht en traag groeiende baby’s.” 

“Daarnaast weten we met zekerheid dat stresshormonen door de placenta gaan en ook in de moedermelk terechtkomen. Ook heeft stress een invloed op de ontwikkeling van het babybrein: een continue blootstelling aan hoge dosissen stresshormoon kan leiden tot motorische, cognitieve en psychische problemen. Een belangrijke kanttekening: het gaat hier om chronische, toxische stress. Mama’s die na een dagje vol filestress in de zetel neerploffen om te ontspannen, hoeven absoluut niet te panikeren. Een baby heeft zelfs een bepaalde dosis stress nodig om normaal te kunnen ontwikkelen.” 

“Verder zien we dat mama’s en papa’s die depressief zijn, vaak emotioneel minder beschikbaar zijn en zich moeilijker hechten aan hun baby, terwijl een goede hechting noodzakelijk is voor de psychische en fysieke gezondheid van een kind.”

Redenen genoeg voor An-Sofie Van Parys om te hameren op het belang van een vroege detectie en een integratie van psychische zorg in de reguliere verloskunde. En voor wat meer nuance. “Nee, mensen bang maken is nergens voor nodig. Het is niet een en al kommer en kwel. Maar een evenwichtiger beeld zou geen kwaad kunnen: soms maakt de roze wolk plaats voor gedonder en gebliksem. En ook dat is helemaal oké.”

Papaproblemen

Dat ook papa’s met een perinatale depressie kunnen kampen, wordt zo mogelijk nog meer doodgezwegen. Zo’n vijf à tien procent van de kersverse vaders zou ermee worstelen. Hoewel de vroedvrouw benadrukt dat niks helemaal zwart-wit is, uiten mannen hun depressie meestal anders. “Waar vrouwen eerder geneigd zijn om veel te huilen en zich af te sluiten, vertonen mannen eerder vluchtgedrag: ze verliezen zichzelf in hun werk, gaan ’s avonds uren sporten of zitten elke avond op café.” 

“Op begrip mogen ze zelden rekenen, wel op stempels als ‘afwezige vader’. Het zou kunnen dat zo’n man inderdaad nog niet klaar is voor het vaderschap. Maar dat wil niet zeggen dat hij geen ondersteuning verdient. Baby’s lijden hier trouwens ook onder. Of nu mama of papa depressief is, de effecten blijven aanwezig.”

Eerste hulp bij wolken

An-Sofie Van Parys staat mee aan de wieg van de sensibiliseringscampagne Wolkinmijnhoofd. De campagne wil het taboe rond postnatale en prenatale depressie doorbreken met nuttige informatie en eerlijke getuigenissen.

Lees meer op www.wolkinmijnhoofd.be.