Gezond en gelukkig leven begint hier en nu

Abonneer

Gezond narcisme: bestaat dat ook? “Een gezonde narcist zal nooit manipuleren”

doorChloë Stylemansop 14/09/2022

Zelfliefde, zelfzorg en zelfzeker zijn: wie tegenwoordig niet met zichzelf bezig is, moet wel zot zijn. ‘Gezond narcisme’ heet het en schrijfster Sarah Dimani pleit ervoor: ze schreef een boek over een betere relatie opbouwen met jezelf. Maar loopt het nooit mis als je zo vaak met jezelf bezig bent? En wanneer overschrijd je de grens met toxisch narcisme? “Narcisme mag geen positief of negatief geladen woord zijn.”

De Antwerpse Sarah Dimani was ooit een grote mode-influencer met 110.000 volgers, tot ze al haar accounts wiste en een onlinecommunity voor vrouwen oprichtte: The Narcist. Een plek waar dames met conversaties taboes proberen te doorbreken. Naast dat populaire platform bracht Dimani nu ook ‘Het zelfreflectieboek’ uit, dat ijvert voor meer, jawel, gezond narcisme.

Gezond narcisme, hoe ziet dat er dan uit?

Vraag Sarah of gezond narcisme wel bestaat en ze zegt volmondig ‘ja’. “De persoonlijkheidsstoornis narcisme gaat gepaard met kenmerken zoals egoïsme, liefde voor veel aandacht en jaloezie. Maar op zich is narcisme geen positief of negatief geladen woord, ook al hangt er tegenwoordig een negatieve connotatie aan vast. Er is sprake van een breed spectrum en narcisme kan variëren van een pathologische vorm tot een gezonde dosis zelfliefde.”

“Mensen met narcisme zijn vaak vol van zichzelf én toxisch naar hun omgeving toe. En dan heb je het andere uiterste: zij die zichzelf altijd op de laatste plaats zetten en onzeker zijn. De gezonde dosis narcisme valt net in het midden van die twee uitersten. Een gezonde narcist is in verbinding met zichzelf. Die doet aan zelfliefde, zelfacceptatie en is zelfzeker.”

Er zijn duidelijke verschillen met toxisch narcisme

Maar hoe weet je of die flinke dosis zelfvertrouwen nog wel ‘gezond’ is? “Het is belangrijk om trots te zijn op jezelf en om jezelf mooi te vinden, maar voel je niet beter dan iemand anders”, zegt Dimani. “Want dan neig je naar toxisch narcisme. “Het verschil tussen gezond en toxisch narcisme is niet zwart-wit, want er bestaat geen duidelijke grens. Maar in grote lijnen zijn gezonde narcisten aangenaam gezelschap, voor zichzelf en voor de omgeving. Bij toxische narcisten zien we dat ze zich vaak beter voelen dan anderen. Ze kunnen ook manipuleren, liegen en aan gaslighting doen.” Dat laatste is een subtiele manipulatietechniek.

Trekjes die een gezonde narcist nooit zou vertonen. “Als dat gevoel van ‘boven de andere staan’ bovendrijft, weet je dat het de verkeerde kant uitgaat. En ook een goede omgeving, die je durft te wijzen op toxische trekjes, is van groot belang. Ze kunnen je waarschuwen als je helemaal niet meer op jezelf of vol van jezelf lijkt.”

Waarom we maar beter toch een beetje narcist zijn

“Vrouwen zijn vaak onzeker of worden vaak als onzeker gezien”, gaat Sarah verder. “De stortvloed aan advertenties en perfecte beelden op sociale media maken het lastig om trots te zijn op ons lijf. Ik vind dat ze sterker mogen zijn, zichzelf meer mogen accepteren en véél meer van zichzelf mogen houden. Ik wil mensen laten inzien dat ze niet aan schoonheidsidealen moeten voldoen en hun eigen schoonheid moeten ontdekken.” En daar kan een portie gezond narcisme erg bij helpen. “We hebben een ideaalbeeld in ons hoofd. Onbewust voelen we ons misschien niet goed in ons vel. Als je dan vraagt waarom, kunnen we de dingen niet benoemen. Terwijl het net boeiend is om daarover na te denken.”

“Door jezelf allerlei kritische vragen te stellen, ga je nadenken over hoe je je voelt en gedraagt en op die manier kan je slechte patronen doorbreken.” Neen, die ongelijke schaamlippen, bijvoorbeeld, zijn niet abnormaal. Het werd je gewoon nooit goed uitgelegd dat niet alle vulva’s gelijk zijn. Wanneer je door zelfreflectie tot zulke inzichten komt, win je al een pak aan zelfvertrouwen. Sarah helpt een handje door 180 vragen toe te voegen in haar boek. “Die doen je stilstaan bij jezelf en je leven. Ik focus wel op typische vrouwelijke onderwerpen, zoals lichaamshaar, menstruatie ofoverpleasen. Die taboes wil ik normaliseren.”

Naast zelfreflectie, heeft Sarah nog drie andere adviezen voor gezonde narcisten

1. Een positieve mindset

Probeer eens een dag niet negatief over jezelf te praten. Dat zit vaak in kleine dingen. Als je iets laat vallen, noem jezelf dan niet onhandig. Laat die kritiek op jezelf gewoon achterwege.

2. Vraag hulp

Wie wil groeien (of helen) heeft steun nodig van zijn omgeving en familie. Vraag hen of ze enkele goeie eigenschappen over jou kunnen opnoemen. Let ook op met wie je jezelf omringt. Je bent een product van jouw omgeving: het is belangrijk om positieve en ondersteunende mensen rondom je te hebben. Heb je die niet? Ga op zoek naar oude of online contacten en zoek mensen op die je goed doen voelen.

3. Vier de kleine overwinningen

Sta elke ochtend stil bij waar je dankbaar voor bent en waar je trots op bent. We minimaliseren snel dingen. We staan op en willen nieuwe dingen bereiken, zonder dat we hebben stilgestaan bij de kleine overwinningen van de afgelopen tijd.

Laat het duidelijk zijn: Sarah wil mensen bewuster doen nadenken over zichzelf. “Maar ik ben geen expert en wil hen ook niet tegen de schenen stoten. Mijn boek is alleen maar de aanzet naar zelfreflectie en dus het begin van jouw ontdekkingstocht. Ik reik geen oplossingen aan, het is aan de lezer om te beslissen of die bepaalde dingen wil aanpakken. En daarvoor kun je eventueel professionele hulp zoeken.”