Laat niet alleen je borsten checken: “Door onwetendheid over vulva- en vaginakanker blijven veel vrouwen met symptomen rondlopen”

doorNathalie Topsop 17/02/2021

Heb jij al gehoord van vagina- of schaamlipkanker? Ben jij op de hoogte dat de anticonceptiepil beschermend kan werken? En weet je dat sommige vrouwen vatbaarder zijn voor baarmoederhalskanker? Gynaecoloog Johan Van Wiemeersch en oncoloog Xuan Bich Trinh vertellen alles wat je moet weten over vrouwenkankers. “Een gynaecologisch onderzoek kan de aandoeningen aan het licht brengen. Daarom benadrukken artsen het belang van een regelmatige check-up.”

Je denkt: mij zal het niet overkomen. En toch: het gebeurt in de ‘beste families’. Denk maar aan de 34-jarige momblogger Lara Switten uit ­Beringen: toen ze in oktober 2020 het nieuws kreeg dat ze baarmoederhalskanker had, deelde ze dat eerlijk met haar tienduizenden volgers op Instagram. En ook tv-presentator Dieter Coppens vertelde in december heel openhartig op Radio 1 hoe bij zijn vrouw Rut baarmoederhalskanker werd vastgesteld. Het komt dus vaker voor dan je denkt.

Zo’n 3.200 vrouwen in België worden jaarlijks getroffen door gynaecologische kanker. Toch is de onwetendheid erover groot: had je bijvoorbeeld al eens over vulvakanker gehoord? Net dat gebrek aan kennis zorgt ervoor dat vrouwen soms te lang met symptomen blijven rondlopen. Bovendien laten we niet graag in ons broekje kijken: schaamte houdt nog steeds heel wat vrouwen tegen om met hun klachten naar een arts te stappen. Of om zich regelmatig te laten onderzoeken. Omdat gynaecologische tumoren niet altijd gepaard gaan met duidelijke symptomen, is screening nochtans levensnoodzakelijk. De meeste kankers zijn namelijk relatief goed te behandelen als ze tijdig worden ontdekt. Daarom: een overzicht.

Check-up: kende je deze vrouwenkankers al?

BAARMOEDERKANKER

Kanker van het baarmoederslijmvlies is de op vier na meestvoorkomende vrouwenkanker. De aandoening treft vooral oudere vrouwen: 95 procent komt voor na de leeftijd van 50 jaar. Obesitas is een belangrijke risicofactor, legt gynaecologisch oncoloog Xuan Bich Trinh (UZA) uit. “In de meeste gevallen is deze kanker te wijten aan een verhoogde of verlengde blootstelling aan het hormoon oestrogeen. Na de menopauze maak je minder oestrogenen aan, maar niet als je obees bent. In het vetweefsel worden hormonen aangemaakt. Meer vetweefsel zorgt voor meer hormoonproductie, en dus zal de oestrogeenspiegel – en dus het risico op baarmoederkanker – stijgen. Ook een hoge bloeddruk en suikerziekte – aandoeningen die vaak gepaard gaan met obesitas – vormen uitlokkende factoren.”

In bepaalde gevallen is er sprake van erfelijke aanleg. “Het erfelijke lynchsyndroom verhoogt de kans op ­­darm- en baarmoederkanker. Vrouwen die drager zijn van een afwijking in het BRCA1-gen (een van de zogenaamde borstkankergenen) hebben ook een verhoogd risico.”

De anticonceptiepil of hormoonspiraal kan beschermend werken. Prof. Trinh: “Vooral dan het hormoon progesteron in de pil of het spiraal. In zeldzame gevallen wordt het ook ingezet tijdens de behandeling: dit ­gebeurt alleen bij jonge vrouwen die nog een kinderwens ­hebben. Omdat dit type kanker vooral oudere vrouwen treft, is de ­meestvoorkomende behandeling het operatief ­wegnemen van de baarmoeder en de eierstokken. ­Tegenwoordig kan dat via een kijkoperatie, waardoor de operatie een pak minder ingrijpend is dan de hysterectomie van weleer.” 

Omdat de symptomen al vroeg de kop opsteken, wordt baarmoederkanker vaak vastgesteld in een beginstadium. De belangrijkste signalen zijn ­ongewone vaginale bloedingen (ook na de menopauze), bloedverlies na het vrijen en etterige of bloederige ­vaginale afscheiding. De aandoening kan opgespoord worden via echografie.

BAARMOEDERHALSKANKER

Primaire preventie

Wereldwijd is baarmoederhalskanker de op twee na meestvoorkomende kanker bij vrouwen, en van de gynaecologische kankers is het de meest frequente. België kan relatief gunstige cijfers voorleggen op dat vlak, met dank aan het HPV-vaccin en screeningsprogramma’s. Toch valt de ­diagnose jaarlijks zo’n zeshonderd keer. Een enorm spijtige zaak, benadrukt gynaecoloog Johan Van Wiemeersch (GZA), tevens de vicevoorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie. “Tegenwoordig hebben we namelijk alles in huis om baarmoederhalskanker te voorkomen en tijdig op te sporen.” 

Die preventie begint al op jonge leeftijd: momenteel worden alle Belgische meisjes gratis gevaccineerd in het eerste jaar middelbaar onderwijs. Maar waarom ze dat spuitje krijgen, weten ze niet goed. Meer dan 40 procent van de tienermeisjes hoort het in Keulen donderen als de term ‘HPV’ valt, terwijl 53 procent ervan overtuigd is dat het een zeldzaam virus is (*). Nochtans raakt zo’n 80 procent van de seksueel actieve vrouwen én mannen een of meerdere keren in hun leven besmet met HPV. 

“HPV staat voor ‘humaan papillomavirus’, dat baarmoederhalskanker, genitale wratten en andere kankers kan veroorzaken. Het is een uiterst besmettelijk, seksueel overdraagbaar virus”, legt dr. Van Wiemeersch uit. Sinds september 2019 krijgen ook jongens het HPV-prikje gratis aangeboden. Een cruciale stap in de strijd tegen baarmoederhalskanker, omdat zij meisjes via seksueel contact met het virus kunnen besmetten en zelf ook risico lopen om onder andere kankers aan anus, penis, mond- en keelholte te krijgen. Eén kanttekening: besmetting leidt niet automatisch tot erger. “Het lichaam slaagt er meestal in om het virus zelf op te ruimen, zoals het dat doet met een verkoudheid. Van alle HPV-infecties verdwijnt de overgrote meerderheid – zo’n driekwart – spontaan binnen de twee jaar.” 

(*) Bron: enquête Ipsos in ­opdracht van MSD België 

Secundaire preventie

Eén procent van de vrouwen die drager zijn van HPV, ontwikkelt baarmoederhalskanker. “Het vaccin biedt een beschermingsgraad van 75 à 80 procent.” Dat je ingeënt bent tegen HPV, maakt screening dus zéker niet overbodig. “Met een uitstrijkje sporen we onrustige cellen in je baarmoederhals op die mogelijk kwaadaardig kunnen worden. Je start er het best mee vanaf het moment dat je seksueel actief bent”, adviseert dr. Van Wiemeersch. “Herhaal het vervolgens minstens om de drie jaar, zeker als je wisselende seksuele contacten hebt. Klachten van tussentijds bloedverlies, bloederige vaginale afscheiding of bloedverlies na seks kunnen een reden zijn om een extra uitstrijkje te maken.”

Dat er HPV wordt gedetecteerd, hoeft geen reden te zijn voor paniek: “De weg van een HPV-besmetting naar kanker is een proces dat tientallen jaren kan duren en bovendien tijdig gestopt kan worden. Een letsel dat nog in het voorstadium van kanker verkeert, kan bijvoorbeeld lokaal met een LEEP-conisatie behandeld worden: met een ­metalen lusje worden de afwijkende cellen verwijderd.” 

Alle preventieve maatregelen ten spijt sterven er ook in ons land nog steeds vrouwen aan baarmoederhalskanker. Dit type kanker kent drie pieken, respectievelijk rond het 35ste, 50ste en 70ste levensjaar, maar komt vooral voor in de vruchtbare periode. “Recent zag ik een patiënte van rond de veertig. Ze kwam langs voor haar allereerste gynaecologisch onderzoek en had geen klachten. Bij haar werd een vergevorderde, inoperabele tumor vastgesteld. Onderschat dus het belang van een uitstrijkje niet.”

Toekomstmuziek

Ongeveer twee op de drie vrouwen lieten zich vorig jaar via een uitstrijkje screenen op baarmoederhalskanker. Sinds kort bestaat er een selftestkit voor HPV. Dr. Van ­Wiemeersch: “Met de zelfafnameset kan een vrouw zelf ­vaginaal materiaal afnemen en dat naar het lab sturen. De test kan de participatiegraad bij vrouwen verhogen, maar momenteel staat de technologie nog in haar kinderschoenen.”

EIERSTOKKANKER

Prof. Trinh: “Eigenlijk is die naam niet helemaal correct: meestal ontstaat de kanker niet in de eierstok zelf, maar in de eileiders, waar cellen zich ongecontroleerd vermenigvuldigen en een kwaadaardig gezwel vormen. Het is dus een gecombineerde aandoening, die vaak heel lang symptoomloos blijft.”

Dr. Van Wiemeersch: “Eierstokkanker wordt daarom ook ‘the silent killer’ genoemd: slechts in een kwart van de gevallen wordt de tumor tijdig ontdekt. Bij 75 procent is dat niet het geval, waardoor een intensieve operatie en chemotherapie noodzakelijk zijn. De oorzaak van eierstokkanker is niet bekend. Statistisch gezien komt het vaker voor bij vrouwen die geen of weinig kinderen kregen en die in het verleden met vruchtbaarheidsstoornissen kampten. De aandoening piekt bij vrouwen van midden de vijftig, maar kan op alle leeftijden voorkomen. Genetische aanleg speelt soms een rol: mutaties in het BRCA1-gen en ­BRCA2-gen geven een sterk verhoogde kans op borst- en eierstokkanker.”

Als er klachten voorkomen, zijn die veelal aspecifiek, zoals vaker dan normaal moeten plassen, obstipatie of zwelling van de buik. Een vermoeden van eierstokkanker kan tegenwoordig bevestigd worden via een bloedtest. Dr. Van Wiemeersch: “Eierstokkankercellen maken de stof CA 125 aan en geven die af in het bloed: het is een tumormarker.”

Er is ook goed nieuws: over de hele wereld daalt het aantal doden door eierstokkanker. België liet tussen 2002 en 2012 een daling met 21 procent optekenen. Deels dankzij het stijgende gebruik van de pil. Dr. Van Wiemeersch: “De hormonale samenstelling van de anticonceptiepil speelt hier geen rol. Het beschermend mechanisme zit hem in de onderdrukking van de eisprong.” Ook borstvoeding geven zou het risico op eierstokkanker verlagen.

VULVAKANKER

Prof. Trinh: “Dat is een vrij zeldzame gynaecologische kanker die de uitwendige geslachtsdelen treft, waaronder de schaamlippen en de clitoris. Ook hier kan een HPV-infectie een uitlokkende factor zijn. Het ontwikkelingsproces duurt vrij lang, waardoor de prognose meestal gunstig is en een eenvoudige heelkundige ingreep volstaat. De duidelijkste symptomen zijn afwijkende, zwerende gezwelletjes, vlekjes en aanhoudende irritatie. Vulvakanker is, in tegenstelling tot HPV, niet besmettelijk. Het HPV-vaccin heeft als bijkomend voordeel dat het ook de kans op vulva- en vaginatumoren beperkt.” 

“Vulvakanker kan ook uit de dermatologische afwijking lichen sclerosis ontstaan, waarbij de huid van de schaamlippen witter en harder wordt. Deze vorm komt het vaakst voor. De gynaecoloog kan de aandoening meestal gemakkelijk herkennen.”

VAGINAKANKER

Nog zeldzamer is vaginakanker, waarbij het kwaadaardige gezwel inwendig ontstaat. Jaarlijks krijgen ongeveer veertig vrouwen in België de ­diagnose. Meestal bestaat de behandeling uit chirurgie of radiotherapie. Dr. Van Wiemeersch: “De eerste symptomen van vaginakanker zijn meestal abnormaal bloedverlies en afscheiding die anders is dan je gewend bent. Soms kan er ook pijn ontstaan. Een besmetting met HPV en een verminderde afweer – bijvoorbeeld door roken – vergroten de kans op het krijgen van vaginakanker.”

Wat je zelf kan doen

• Anders dan bij baarmoederhalskanker wordt er niet preventief gescreend op baarmoederkanker, eierstokkanker, vulvakanker en vaginale kanker. “Een gynaecologisch onderzoek kan de aandoening wel aan het licht brengen. Daarom benadrukken artsen het belang van een regelmatige check-up.”

• Wie gezond leeft, loopt veel minder risico om kanker te krijgen. Door gezond te eten, alcoholgebruik te matigen en voldoende te bewegen, zou een derde van de kankergevallen voorkomen kunnen worden, stelt de Stichting tegen Kanker.

• Nog een belangrijke tip: stop met roken. Prof. Trinh: “Onderzoek wijst uit dat bij rokers het afweersysteem minder goed werkt. Het lichaam heeft dan meer moeite om een HPV-besmetting op te ruimen. Bij baarmoederhalskanker, vulva- en vaginakanker kan een HPV-infectie een uitlokkende factor zijn.”