Gezond en gelukkig leven begint hier en nu

Abonneer

Slanker maar niet per se gelukkiger: Ulrike verloor 54 kilo in anderhalf jaar tijd

doorRedactieop 11/04/2022

Wie droomt er niet van een paar kilo’s minder? Voor velen lijkt het alsof hun (over)gewicht de enige barrière is die tussen hen en een écht gelukkig leven staat. Maar klopt dat wel?

Als kind was ik aan de molligere kant. Ik was ... dik. Voilà, ik ga het woord meteen gebruiken.’ Ulrike heeft een zachte stem, maar neemt geen blad voor de mond. Ze vertelt dat ze van jongs af aan geconfronteerd werd met stigma’s over gewicht. ‘Klasgenootjes lachten me uit. En mijn moeder en ik waren bijna altijd op dieet. De ene keer was het Weight Watchers, de andere keer aten we enkel soep of probeerden we het Atkins- dieet. Vanaf mijn tiende deed ik met haar mee. ’ Sindsdien schommelde haar gewicht voortdurend. ‘Vooral tijdens mijn drie zwangerschappen kwam ik heel wat bij. Mensen zeggen wel: die kilo’s gaan er achteraf weer af. Maar bij mij bleven ze er toch aan plakken. Twee jaar geleden belandde ik op mijn zwaarste punt en woog ik 116 kilo. Ik had het helemaal gehad. Ik had al zoveel diëten geprobeerd, niks hielp. Dus koos ik voor een maagverkleining.’ Met die beslissing loopt ze niet te koop. ‘Meestal verzwijg ik dat. Veel mensen zien een bypass namelijk als de easy way out . Dat klopt niet. Je lichaam heeft tijd nodig om zich te herstellen; de eerste dagen kon ik bijvoorbeeld niet stappen. Maandenlang lukte het niet om gewoon water te drinken, elke slok viel als een baksteen in mijn maag en deed ontzettend veel pijn. En om af te vallen moest ik nog steeds mijn levensstijl omgooien, gezonder eten en meer sporten. In het begin ging het te traag naar mijn zin. Ik verloor amper gewicht, wel mijn geduld. (lachje) Ik schoot in paniek. ‘Wat als het bij mij niet werkt? Wat als de ingreep niks uithaalt?’ Pas toen ik die stressgedachten losliet, begon ik ook te vermageren.’ ‘Nu zijn we anderhalf jaar verder en ben ik 54 kilo kwijt. Dat is het equivalent van een kleine vrouw, hè. Onlangs las ik dat Dina Tersago ongeveer zoiets weegt! Vooraf dacht ik altijd: als ik slanker ben, zal ik mooier zijn. Dan zal ik me gelukkiger voelen. ( schudt met haar hoofd ) Zo werkt het dus niet. Als ik in de spiegel kijk, zie ik nog steeds dat dikkerdje van vroeger. Pas als ik oude en recente foto’s vergelijk, spot ik een verschil.’

Weinig zelfvertrouwen

Het gebeurt geregeld dat Ulrike reacties krijgt op haar uiterlijk. ‘Sommige mensen herkennen me zelfs niet. (lachje) Het is  jn om complimenten te krijgen, maar het voelt ook dubbel. Dan denk ik: jaja, ’t zal wel’. Ik geloof mensen precies niet als ze zeggen dat ik er mooi uitzie. Aan mijn zelfbeeld moet ik dus nog werken. Dat besef ik sinds september vorig jaar maar al te goed: ik kreeg een burn-out, die niet alleen te maken had met mijn werk en corona, maar ook met de stress door te willen vermageren. Sinds die crash probeer ik te timmeren aan mijn zelfvertrouwen, onder andere door begeleide meditatie.’ Toch blijft Ulrike streng voor zichzelf. De angst om opnieuw dikker te worden zit er diep ingebakken. ‘Gaat het cijfertje op de weegschaal een paar honderd gram te veel naar boven, dan schiet ik in een kramp en let ik de dagen erna extreem op wat ik eet. Het liefst zou ik zelfs nog twee kilo afvallen. 60 kilo is vanaf het begin mijn streefdoel geweest, maar het lukt me maar niet. Ik moet dat loslaten, ik weet het, want mijn BMI is goed.’ ‘Door de bodypositivitybeweging verschijnen er steeds meer vrouwen op de voorgrond die wat steviger zijn en zelfvertrouwen uitstralen. Dat is zo positief. Dat zou mijn nieuwe streefdoel moeten zijn: mezelf goed voelen in mijn vel en dat uitstralen. Ik doe al moeite, hoor. Sinds kort ga ik bijvoorbeeld zwemmen. Vroeger had ik dat nooit  gedurfd, want dan moest ik me letterlijk blootgeven. Nu doe ik het elke week. Kleine stapjes vooruit, en zo kom ik er wel.’

Expert aan het woord: maakt slanker ook gelukkiger?

Klinisch psycholoog Amber Van den Eynde werkt al ettelijke jaren op de dienst Endocrinologie van het UZ  Leuven. Ze voert ook onderzoek naar de psychologische complicaties na een maagverkleining. ‘In de literatuur staat beschreven dat patiënten die veel vermageren achteraf vaak ongelukkig zijn, in een depressie sukkelen of een alcoholprobleem ontwikkelen. Hoe dat komt, is nog niet duidelijk. Ik probeer het te achterhalen.’ Eén ding staat vast: aan overgewicht kleven hardnekkige stigma’s. Van den Eynde: ‘Hoewel de helft van de Vlamingen overgewicht heeft, beschouwen we het als iets abnormaals. Als iets negatiefs. Dik staat nog vaak gelijk aan lui, onhygiënisch of geen karakter hebben. Wie mager is, beschouwen we daarentegen als succesvol.’ Onrealistische schoonheidsidealen in films, magazines en op sociale media spelen daarbij een rol, zegt Van den Eynde, maar ook wat je van thuis uit meekrijgt. ‘Veel mensen worden in hun jeugd al geconfronteerd met zulke vooroordelen. Bijvoorbeeld omdat hun mama regelmatig op dieet is. Wie van jongs af aan hoort dat ‘wie dik is, niet genoeg is’, kweekt een negatiever lichaamsbeeld.’

• Tweesnijdend zwaard

Van den Eynde ziet de psychologische impact van vermageren als een tweesnijdend zwaard. ‘Er zijn mensen die daadwerkelijk gelukkiger zijn. Omdat ze zich fitter voelen of openbloeien, zoals Cisse. We weten ook dat veel zwaarlijvige mensen activiteiten mijden uit schaamte, zoals sporten, uit eten gaan, genieten van een terrasje ... Als ze eenmaal slanker zijn, ondernemen ze meer en voelen ze zich minder sociaal geïsoleerd. Er zijn ook heel wat vrouwen die afvallen en aan een fertiliteitsbehandeling kunnen beginnen, en daarom in de wolken zijn.’ Anderzijds zijn er ook mensen die de sporen van hun overgewicht meedragen. Dat kan zich zelfs uiten in een depressie. ‘Vooraf hadden ze te hoge verwachtingen. Ze gingen ervan uit dat ze gelukkiger zouden zijn, dat hun relatie zou verbeteren of dat hun baas zich to er zou gedragen. Maar dat is niet altijd zo. Nog een misverstand is dat ze zich automatisch beter in hun vel voelen. Het kan zijn dat ze huidoverschot hebben, bijvoorbeeld, maar in de meeste gevallen zit het in hun hoofd. Mensen hebben door de jaren heen namelijk een lichaamsschema opgebouwd, een cognitief beeld van hoe ze eruitzien. Als je in enkele maanden vijftig kilo kwijtspeelt, kan het hoofd niet volgen. Het gevolg: je grijpt spontaan naar grotere kledingmaten in de winkel. Of je herkent je eigen spiegelbeeld niet.’ ‘Het duurt tot wel twee jaar voor je hoofd kan bijbenen en het lichaamsschema gecorrigeerd is. Vaak nog veel langer. Met oefeningen proberen we dat proces te versnellen. We geven mensen bijvoorbeeld de opdracht om zich elke dag in te smeren met bodylotion. Dan zien ze dat ze vermagerd zijn en wordt dat tactiel bevestigd. Die dubbele sensorische gewaarwording geeft een duidelijke boodschap aan het hoofd: het lijf is veranderd.’

• Alcoholverslaving

Van den Eynde: ‘Patiënten met een maagverkleining lopen meer risico om een alcoholverslaving te ontwikkelen. In research zie ik daar twee redenen voor. Eén: na de ingreep wordt alcohol soms wel zeven keer zo snel opgenomen in het bloed. Een glas wijn of een pint heeft dus sneller e ect, patiënten beleven sneller een gelukkig roesje, en dat kan een verslaving in de hand werken. Twee: deze groep is kwetsbaar. Ze kunnen minder emo-eten en zoeken hun toevlucht in een nieuw copingmechanisme, zoals alcohol.’

• Restrictieve eetstoornis

Een van de grootste struikelblokken is dat mensen zich te hard focussen op het cijfertje op de weegschaal. ‘Dan slaan ze in paniek bij elke honderd gram die erbij komt, of ze raken gefrustreerd omdat ze hun streefdoel niet halen. Dat kan op twee manieren mislopen. Worden die frustraties hen te veel, dan kan het zijn dat ze zeggen: foert. Waardoor ze weer veel gewicht bijkomen. Een klein percentage is zo gefixeerd op hun gewicht dat ze een eetstoornis ontwikkelen.’ Van den Eynde benadrukt nog dat die obsessieve focus nergens voor nodig is. ‘De grote gezondheidswinst zit in de eerste tien procent gewichtsverlies. Als je nog meer afvalt, verkleint het risico op diabetes of cardiovasculaire problemen nog amper. Een paar tips om te vermijden dat de slinger doorslaat: werk met kleine doelen. Zeg niet dat je dertig kilo wil afvallen, maar bekijk je vooruitgang per vijf kilo. Wat ging goed? Waar had je het moeilijk mee? Blijf daarnaast weg van crashdiëten. Als je jezelf van alles moet ontzeggen, is het gedoemd om te mislukken. Gun jezelf momenten om te snoepen. En vooral: wees niet te streng voor jezelf. Elke dag 500 calorieën schrappen staat gelijk aan een halve kilo lichaamsgewicht minder per week. Met mild en lief zijn voor jezelf kom je veel verder.’