SOS spataders: raak je er nog van af en zijn ze gevaarlijk? Een vaatchirurg onderscheidt feit van fabel

doorRedactieop 27/08/2020

Het is warm – of zeg maar hels heet – en hoe minder kleren aan ons lijf, hoe liever. Of niet? Misschien ben je die 1 op 3 vrouwen die last heeft van spataders en daarom geen fan van blote benen. Raak je er nog van af? Hoe ontstaan ze? Zijn ze gevaarlijk? En hoe vermijd je ze? Een vaatchirurg beantwoordt je prangende vragen. “Door je levensstijl aan te passen, kan je het proces vertragen.”

Spatader gespot? De blauwe ondingen zijn een gevolg van slechte bloedcirculatie. In ons lichaam zit een groot netwerk van kleine en grote bloedvaten die ons hart toelaten om bloed naar weefsels en organen te ­pompen. Sommige aders leveren topprestaties: het bloed in onze benen, bijvoorbeeld, stuwen ze tegen de zwaartekracht in weer naar boven. Speciale aderkleppen helpen daarbij: zij verhinderen dat het bloed terug naar beneden stroomt. Maar die klepjes kunnen lekken. Als dat gebeurt, kan er te veel bloed in je benen blijven rondhangen, waardoor de druk op de plaatselijke aders verhoogt. Die aders rekken dan uit, waardoor een spatader ontstaat. 

Als je daar verder niets aan doet, zal het probleem zich hoogstwaarschijnlijk uitbreiden. Dan kan er een kronkelig kluwen van uitgezette ­onderhuidse aders met verdikkingen ontstaan. Beetje onaantrekkelijk, inderdaad, en je kan ook andere klachten krijgen: vermoeidheid of pijn in de benen, gezwollen enkels, krampen, jeuk, tintelingen,... Tijd om met kennis van zaken in te grijpen en dus vragen we vaatchirurg en auteur van het boek ‘Alles over spataders en trombose’ Marc Vuylsteke om feiten van fictie te scheiden.

1. Vooral vrouwen krijgen spataders: niet waar

Ruim 20 procent van de mannen en zo’n 30 procent van de vrouwen krijgen spataders. “Spataders komen heel vaak voor”, zegt Vuylsteke. “In België worden elk jaar meer dan 30.000 chirurgische behandelingen tegen spataders uitgevoerd. Maar het klopt wel dat vrouwen er vaker – en meestal vroeger – dan mannen last van krijgen.”

“Waarschijnlijk heeft dat voor een stuk met zwangerschappen te maken: het bloedvolume neemt dan toe en een deel daarvan circuleert in de aders, waardoor de druk op de vaatwanden verhoogt. Ook de hormoonveranderingen doen de bloedvaten uitzetten. En de uitgezette baarmoeder kan op de buikaders drukken en de terugstroom vanuit de benen belemmeren. Dat alles verhoogt het risico op spataders tijdens de zwangerschap.”

2. Kleine ‘spinnenwebjes’ op je benen of penseelvaatjes zijn een prille vorm van spataders: niet waar

De kleine paarse of rode penseelvaatjes of spinnenwebjes (‘spiders’) op je benen zijn géén spataders. Soms zijn ze een puur esthetisch probleem. Dr. Marc Vuylsteke: “Maar soms wijzen spiders wél op een dieper gelegen aderprobleem of spatader. Let dus ­tegelijk op andere symptomen. Als je ook last hebt van een zwaartegevoel, pijn, zwellingen of nachtelijke krampen in de benen, kan je het best je arts raadplegen.”

3. Je kan lekkende aderkleppen hebben zonder zichtbare spataders: waar

Dr. Marc Vuylsteke: “Lekkende kleppen en spataders komen bijna alleen voor in de oppervlakkige, onderhuidse aders. Maar er zijn ook grotere oppervlakkige aders, de stamaders, die dieper in het onderhuidse vetweefsel liggen. Als die lekken, zie je dat niet altijd. Je kan dan wel andere klachten hebben, zoals zware benen of krampen.”

4. Rusteloze benen kunnen wijzen op spataders: waar

Rusteloze benen en ‘mieren’ in de benen zijn ongemakken die kunnen wijzen op een slechtere ­doorbloeding en dus ook op spataders. “Maar rusteloze benen en ‘naaldprikken’ kunnen ook andere oorzaken hebben”, zegt Dr. Marc Vuylsteke. “Ze kunnen bijvoorbeeld te maken hebben met een neurologisch ­probleem van zenuwprikkeling. En er zijn nog ­andere mogelijke oorzaken. Je kan dit symptoom dus het best ­medisch laten onderzoeken.”

5. Je kan spataders hebben als je jong bent: waar

Hoe ouder je wordt, hoe groter de kans op spataders, omdat de aderwand met de leeftijd minder elastisch wordt. Maar dat wil niet zeggen dat ze niet voorkomen bij jonge mensen. Dr. Marc Vuylsteke: “Bij vrouwen tussen 28 en 34 jaar, de typische leeftijd waarop ze kinderen krijgen, komen ­spataders vaker voor. Maar er zijn mensen die al op ­achttienjarige leeftijd spataders krijgen.”

6. Door warmte te vermijden kan je spataders voorkomen: niet waar 

Dr. Marc Vuylsteke: “Er is geen enkel wetenschappelijk bewijs dat warme baden, sauna’s, vloerverwarming, zonnebaden of andere warmtebronnen spataders doen ontstaan. Spataders komen ook niet vaker voor in landen met een warm klimaat.” Wel is het zo dat warmte een slechte invloed heeft op bestaande spataders: warmte doet de aders uitzetten en dat geeft meer klachten, zoals een gevoel van zwaarte, stuwing, druk of zwelling. Maar als het kouder wordt, verdwijnen die klachten vaak weer.

7. Bewegen vermindert je kans op spataders: waar

De belangrijkste risicofactor voor spataders is een familiale voorgeschiedenis: spataders komen vaker voor in bepaalde families. Dr. Marc Vuylsteke: “Als je een erfelijke aanleg hebt, kan je wellicht niet vermijden dat je ooit spataders krijgt. Maar met aanpassingen in je levensstijl kan je dat proces wel vertragen.” 

“Vooral door veel te bewegen beperk je het risico op spataders. Bij stappen of lopen zorgt de druk van je beenspieren er immers voor dat het bloed efficiënter weggepompt wordt. Die ‘kuitspierpomp’ wordt soms zelfs het ‘tweede hart’ genoemd.” Focus vooral op activiteiten die je kuitspieren aan het werk zetten: wandelen, joggen, dansen, zwemmen,... Daarnaast helpt het om overgewicht en dus extra druk op je aderen te vermijden. En om te stoppen met roken.

Tip: Heb je een zittend beroep? Of sta je urenlang recht? In beide gevallen kan je een verschil maken door je kuitspierpomp regelmatig aan het werk te zetten: stap stevig rond of doe een paar trappen. Als je toch moet ­stilzitten, buig en strek je benen dan af en toe om je kuitspieren te gebruiken.

8. Steunkousen helpen tegen spataders: waar en niet waar 

Dr. Marc Vuylsteke: “Daar zijn geen wetenschappelijke bewijzen voor. Wel zeker is dat steunkousen symptomen van zwaarte, vermoeidheid en zwelling verminderen. Goede medische compressiekousen oefenen druk uit op de ledematen en zo ook op de aders: daardoor versmallen ze en dat versnelt de bloedstroom.” Compressiekousen zijn een aanrader als je zwanger bent of een staand beroep hebt. Ook na een chirurgische behandeling van spataders worden ze voorgeschreven: ze zorgen voor minder bloeduitstortingen, pijn en zwellingen.

9. Spataders worden erger als je ze niet behandelt: waar

Spataders zijn maar één uiting van een ruimer, onderliggend probleem: de chronische veneuze ziekte. Als je die aandoening niet behandelt, wordt ze progressief erger: één spatader worden er meerdere en die ­breiden zich uit van één plaats naar een ruimer ­gebied. Daarna kunnen er zwellingen en vochtophopingen (oedeem) ­volgen, later zelfs huidverkleuringen, eczeem, ­aderontstekingen of open wonden. 

Dr. Marc Vuylsteke: “Hoe snel dat proces verloopt, is ­individueel heel verschillend. Bij sommige mensen evolueert de chronische veneuze ziekte snel, anderen blijven jarenlang stabiel en lijken geen last van die spataders te hebben. Maar dat is een minderheid. Als je maar lang genoeg wacht, veroorzaken spataders vroeg of laat toch last.”

10. Met spataders moet je altijd naar de dokter: niet waar 

Dr. Marc Vuylsteke: “Je hoeft niet per se naar de dokter met een spatader als je er geen last van hebt. Maar dat mag uiteraard wel als je het een esthetisch ­probleem vindt. Aarzel niet om je arts te raadplegen als je dikwijls zware benen, ­vermoeidheid, jeuk, krampen, zwellingen of een ­branderig gevoel hebt – zelfs als er géén spatader te zien is.” Bij twijfel doe je er in elk geval goed aan om niet te lang te wachten met een doktersbezoek. Hoe vroeger je spataders behandelt, hoe minder de ziekte zich kan uitbreiden en hoe langer het duurt voor je een volgende spatader krijgt.

11. Spataders zijn vervelend, maar meestal ongevaarlijk: waar

Dr. Marc Vuylsteke: “Je kan oud worden met de veneuze ziekte, die is niet levensbedreigend. Maar ze kan je ­levenskwaliteit verminderen door pijn, rusteloze benen, vermoeidheid, krampen,... Onbehandelde spataders kunnen wel complicaties geven, zoals een oppervlakkige veneuze trombose: deze kleine plaatselijke bloedklontertjes leiden dikwijls tot een pijnlijke ontstekingsreactie (‘flebitis’). Zo’n bloedklonter kan een probleem worden en zich van de oppervlakkige aders naar de diepere aders verplaatsen. Dat is niet altijd onschuldig: de bloedklonters kunnen zelfs in de longen terechtkomen en tot een ­longembolie leiden. Soms is dat fataal.”

Hoe behandel ik spataders?

Er bestaan geen pillen tegen spataders, al kunnen sommige middelen de symptomen verlichten. De enige behandeling is om de spatader buiten werking te stellen. Gelukkig hebben we genoeg ­oppervlakkige aders om er een paar te missen. Er zijn ­verschillende technieken, maar uiteindelijk is het vooral de ­bedoeling de uitbreiding van spataders af te remmen. Hoewel spataders de neiging hebben om vroeg of laat terug te komen, is zo’n ingreep zinvol. Zo ben je langer verlost van klachten en voorkom je complicaties. De belangrijkste technieken:

• Stripping: vroeger werd een zieke stamader ­dichtgebonden en samen met zijn zijtakken chirurgisch verwijderd via een sneetje in de lies en op het been. Het is een drastische ­ingreep, die ook veel bloeduitstortingen geeft, dus deze techniek wordt nu veel minder gebruikt.

• Sclerotherapie: kleine spataders kan een dokter ‘droogspuiten’ of ‘scleroseren’ door een irriterende vloeistof in te spuiten die de ader doet verschrompelen en dichtslibben.

• Endoveneuze technieken: een dokter maakt je aders en stamaders van binnenuit dicht met een buisje, draad of specifiek instrument dat na lokale verdoving via een prik in de ader gebracht wordt. De zieke ader kan dan dichtgemaakt worden met laser, radiofrequente golven of stoom. Na deze ingreep herstel je sneller en heb je minder neveneffecten dan bij stripping.