De gezonde gewoontes van Frances Lefebure: “Boris triggert me om de puurste versie van mezelf te zijn”

doorRedactieop 06/06/2022

“Ik ken mijn valkuilen. Dankzij therapie heb ik met ze leren om te gaan.” In ‘F*ck you very very much’ vertolkt ze een wildebras die op zoek is naar zichzelf, in werkelijkheid vond Frances Lefebure (33) al rust. De actrice en presentatrice, bijna een jaar getrouwd met acteur Boris Van Severen (33) en plusmama van zijn zonen, verklapt welke vijf lifehacks haar eindelijk kalmeerden. “Tien jaar terug ging ik te ver mee in strenge dieetregels. Ik was toen zo ongelukkig.”

1. Wandeling tegen overprikkeling: “Ik zet het deurtje van mijn brein open en ratel. Boris luistert”

“Als alles me te veel wordt, kruip ik in mijn schulp. Dan lijkt het wel alsof ik bevries: het voelt alsof ik niet meer helder kan nadenken of zelfs nog kan bewegen. Ik probeer dan mild te zijn voor mezelf. In plaats van mezelf te veroordelen of te overanalyseren, laat ik dat moment passeren. Ik weet dat het nooit heel lang duurt. En ik ken mijn remedie: uit de situatie stappen en kilometerslang gaan wandelen.”

“Wandelen was – zoals bij zovelen – ons ­ultieme tijdverdrijf tijdens de lockdown. We kenden elkaar net en woonden in een huisje midden in de natuur. Dat wandelen was zo fijn dat we er niet meer mee zijn gestopt. Als ik overprikkeld ben en we de natuur in trekken, praten Boris en ik over koetjes en kalfjes. Of net heel rustig over wat er aan de hand is.”

“Het helpt om mijn gedachtestroom tegen hem te vertellen: ik zet het deurtje van mijn brein open, waarna een vloedgolf van woorden volgt. Ik ratel, soms tien minuten aan één stuk. Boris luistert. Ik probeer niet om de dingen gestructureerd of weloverwogen te zeggen. Nee, ik gooi het er allemaal onverbloemd uit. Na zulke gesprekken voel ik hoe we nog dichter naar elkaar toe ­gegroeid zijn: Boris weet als geen ander wat me stress bezorgt en hoe de kronkels in mijn brein werken.”

2. Eerlijker met mezelf: “Ik omarm nu ook mijn donkere kantje” 

“Ik ben een positief persoon. Of nee: misschien is ‘veerkrachtig’ wel een beter woord. Ik ben natuurlijk ook niet gespaard gebleven van de tegenslagen die bij het leven horen. Maar ik heb het gevoel dat ik daar, op mijn eigen manier, een weg in gevonden heb. De laatste jaren merk ik wel dat ik wat veranderd ben. Vroeger legde ik mezelf vrolijkheid op: het was een tool om met de dingen om te gaan. Niet dat ik mijn vrolijkheid fakete, het bepaalde eerder te veel mijn zelfbeeld. ‘Als ik maar opgewekt en positief ben, dan komt alles goed’, dacht ik.”

“Nu omarm ik ook mijn donkere kantje. Ik ben heel erg gevoelig en voel me nauw betrokken bij de mensen rondom mij. Een kwetsbaarheid die ik herken van bij mijn mama. Ik ken mijn valkuilen: zo vul ik de dingen te vaak zelf in. Maar daar heb ik, onder meer dankzij therapie, mee leren omgaan. Pieker ik over een uitspraak, of vraag ik me af of ik er wel voldoende ben geweest voor een vriendin? Dan toets ik het nu simpelweg even af. Ik weet dat dat heel onzeker overkomt, maar het brengt ook rust: meestal is er niks aan de hand.”

“Die shift heeft te maken met ouder worden, maar ook met hoe mijn leven er nu uitziet: ik ben vorig jaar getrouwd en maak deel uit van een nieuw samengesteld gezin. Mijn leven kabbelde vroeger, ik stelde mezelf weinig vragen. Maar mijn man triggert me om de puurste versie van ­mezelf te zijn. Dat brengt veel hevige emoties met zich mee, maar die neem ik er graag bij. Meer zelfs, ik ben Boris daar dankbaar voor. Ik ben nog steeds vaak vrolijk, maar het is meer vanuit mijn kern. Ik sta nu dichter bij de essentie, en beleef de gelukzalige momenten daardoor nog intenser." 

3. Slaapkamer als oase van rust: “Samen onder de dons de dag afsluiten” 

“Ik geloof dat liefde blijven kiezen is. Een relatie ­verloopt niet vanzelf: je moet engagementen durven aangaan, zoals ik als plusouder, en je communicatie blijven aanscherpen. Daarin hebben Boris en ik ­elkaar gevonden. Tijdens discussies behandelen we elkaar als gelijken: we proberen niet ten koste van de ander ons punt te maken, tonen respect en luisteren actief naar elkaar. ‘Alles is winst’, zegt Boris daar weleens over. Onze discussies zijn opbouwend, niet vernietigend. Na een intens gesprek geven we elkaar daarom soms een high five, zo van: ziezo, dat is ook weer achter de rug. (lacht)”

“De slaapkamer vind ik de ideale plek om na een moeilijke dag of intense discussie te ontspannen. De ruimte is mooi en rustgevend ingericht, het is een veilige haven. Mijn bed is zonder twijfel mijn lievelingsplek, ik heb altijd al iets gehad met gezellige ­bedden en vederzachte donzen. En in dat bed lig ik dan het allerliefst samen.”

“Ik probeer bewust niet de hele avond voor de televisie te zitten en vervolgens doodmoe naar bed te gaan. Nee, ik kruip veel liever wat vroeger onder de wol, om vervolgens de dag te doorlopen met Boris. Ik zei pas nog tegen hem dat we dat nog wat vaker moeten doen. Onder de dons, omringd door zachte kussens,... We zitten dan in ons coconnetje. Het voelt heel ­vertrouwd, veilig en warm.”

4. Luisteren naar mijn lichaam: “Ik geloof niet in guilty pleasures” 

“Als jong meisje was ik niet bezig met voeding – we aten thuis gezond en verder stelde ik me daar geen vragen bij. Maar zo’n tien jaar geleden, toen het boek ‘De voedselzandloper’ uitkwam en ik die principes volgde, werd ik te streng voor mezelf. Ik voelde me toen heel ongelukkig, ging te ver mee in strenge (di)eetregels. Het was geen eetstoornis, verre van. Maar ik greep dat eetpatroon wel aan om toch enig gevoel van controle over mijn leven te hebben.” 

“Sinds enkele jaren weet ik: het beste dieet, dat is luisteren naar de signalen van je lichaam. Achteraf ontdekte ik op sociale media dat die levensstijl ‘intuïtief eten’ heet. Als Boris en ik in de week een fles wijn opentrekken, dan kan hij zich daar achteraf een beetje schuldig over voelen. Maar ik laat dat knagende gevoel voor wat het is.Own it,denk ik dan. Ik geloof niet in guilty pleasures. Wel in jezelf de vraag stellen: heb ik hier écht zin in? Ik kan af en toe enorm genieten van een kom cornflakes ’s morgens, maar meestal verlang ik naar yoghurt met vers fruit en zelfgemaakte granola. En zo blijft alles mooi in balans. (glimlacht)”

5. De natuurmens in mezelf ontplooien: “Met mijn botten aan in de tuin werken” 

“Tot drie jaar geleden woonde ik in het bruisende Brussel. Ik dacht altijd dat de stad me energie gaf. Tot ik de lockdown doorbracht met Boris in dat huisje op het platteland. Dat deed me goed: een overprikkelde geest als de mijne is veel meer gebaat bij een groene omgeving. Of dat wil zeggen dat ik eigenlijk nooit een rasechte stadsmus was? Geen idee, maar nu weet ik zeker dat ik een natuurmens ben.”

“Boris en ik verhuisden begin dit jaar naar een huis met grote tuin, in Drongen, op een kwartiertje rijden van Gent. Ik hou van de letterlijke afstand tot de stad: ik kom er graag, maar geniet er evengoed van om er weer weg te rijden. Hier hóéft ’s avonds niet van alles. En ook het idee dat iedereen op elk moment aan je deur kan staan... Dat vind ik nogal beklemmend.”

“Nu, in de lente, is het groene geluk compleet. Met de kinderen hebben we besloten om legkippen te redden en onze tuin tot hun nieuwe thuis te maken. In het tuinhuis vond ik onlangs een stapel tuinierboeken van de vorige eigenaar. Het kriebelt om mijn botten aan te trekken, in de hof te werken en groenten te telen in het oude serretje.”

'Een goed jaar' met Frances is vanaf 8 juni te zien op Streamz.