Hoe rijm je duurzaam leven met vlees eten en vliegtuigreizen? ‘Voetprintariërs’ kennen de oplossing. “Niks is verboden”

doorNathalie Topsop 23/11/2021

Een vegetariër die het ­vliegtuig neemt, wordt met de vinger ­gewezen. Wie elektrisch rijdt, maar avocado’s eet, heeft het niet begrepen. Als het over duurzaam leven gaat, schuift de lat alsmaar op. Is het dan nooit goed genoeg? Toch wel: auteur Kees Aarts pleit als ­‘voetprintariër’ dat de milde middenweg even doeltreffend is. Je hoeft jezelf niks te verbieden, zegt hij, zelfs vlees niet, zolang je maar rekening houdt met één getalletje: je CO2-voetprint. “Een frikandel is misschien wel de meest duurzame snack die er is.”

Je eet geen vlees, maar je koopt wel boontjes uit Kenia? Je laat het vliegtuig staan, maar je shopt wel elke week online? Je rijdt elektrisch, maar je weet toch dat je oude, vervuilende diesel in Afrika belandt en daar gewoon verder tuft? Waarom zouden we miljarden in duurzame energie investeren zolang China kolencentrales blijft bouwen? Het zijn maar enkele van de vele voorbeelden die volgens Kees Aarts, oprichter en CEO van insectenbedrijf Protix en lid van de World Business Council for Sustainable Development, tekenend zijn voor de manier waarop we over duurzaamheid denken: als groot, abstract en zwaarmoedig. Als een bodemloos vat vol dilemma’s of een eindeloos twistpunt.

“In het klimaatdebat is het wijzende vingertje nooit ver weg”, vertelt Kees Aarts. “Alles kan – nee, móét – altijd beter. Iemand die geen vlees eet mag ook niet vliegen, en iemand die elektrisch rijdt, moet een perfect geïsoleerde woning hebben. Anders ben je een hypocriet. Het is veel te vaak een discussie waarbij mensen op zoek zijn naar elkaars tekortkomingen. Daarom gaat het onderwerp te vaak hand in hand met neerbuigende opmerkingen, waarna de moed je meteen in de schoenen zakt.” 

“Ik denk dat mensen dat soort opmerkingen niet maken om jou persoonlijk te ondermijnen, maar omdat het probleem simpelweg te groot is. De klimaatkwestie is zo allesomvattend en ongrijpbaar dat het eng wordt. De oplossing lijkt te liggen in het laten van veel dingen. Tegelijk lijk je nooit helemaal goed te kunnen doen. Er is altijd wel een ‘maar’. Dat wekt – heel terecht – weerstand op.”

Leve de frikandel

Kees Aarts houdt zich al zijn hele leven bezig met hoe je kan bijdragen aan een betere leefomgeving. De liefde voor het milieu is hem met de paplepel ingegeven: zijn oma was er al van overtuigd dat we de aarde niet kunnen blijven gebruiken zonder consequenties. In Nederland is Aarts vooral bekend als bedrijfsleider van Protix, een bedrijf dat duurzame grondstoffen voor veevoer en vleesvervangers uit vliegenlarven kweekt. En hij is zelf overtuigd ‘voetprintariër’. En nee, dat is niét de zoveelste subvorm van vegetarisme. 

“Voor de voetprintariër is duurzaamheid klein, concreet en positief: het draait om budgetteren en compenseren, zonder daarvoor in te boeten aan comfort of plezier. Een voetprintariër is bewust bezig met het bereiken van het gewenste welvaartsniveau tegen een zo laag mogelijke druk op milieu en omgeving. Dat wil zeggen dat je best een weekje vlees kan eten, maar dan moet je er iets anders tegenover zetten om de lijn weer netto omlaag te krijgen.”

Over vlees gesproken: een voetprintariër zweert niks af. Hij maakt keuzes op basis van één simpel getalletje: de CO2-voetprint. “Want hoe lager die is, hoe meer mensen (onrechtstreeks) van een product kunnen eten. Net omdat er meer aarde overblijft om andere voedingswaren op te telen”, legt Aarts uit. 

Het ultieme voorbeeld van zo’n CO2-neutraal product vinden we dicht bij huis: de curryworst. Pardon, frikandel. “In Nederland kennen we een schitterend product: de frikandel. Misschien wel het duurzaamste snackje van allemaal. Het is eigenlijk niets meer dan een samengesteld restproduct met een lekker smaakje, dat dus groener is dan de meeste plant-based hamburgers met vleessmaak en -textuur.”

Verboden te verbieden

Dat we een ecologische voetafdruk hebben is onoverkomelijk. En net daarom schuilt er een voetprintariër in ieder van ons, stelt Aarts. “Iedereen heeft nu eenmaal een ecologische voetafdruk, dat is een feit. We zijn de aarde allemaal een beetje aan het opeten. Om die reden wil ik een soort ‘werelddieet’ voorstellen, maar dan op basis van veel meer aspecten dan alleen eten. Bijvoorbeeld ook de manier waarop je woont, reist, leeft en ervaringen opdoet. Net zoals een vegetariër geen vlees eet, zo eet een voetprintariër ‘minder (of geen) aarde’.”

De belangrijkste regel is dat niks verboden is. “Dat het eten van vlees ‘verboden’ is, is volgens mij een van de oorzaken waarom relatief weinig mensen vegetarisch eten. Zo werkt het in deze wereld. Wanneer je iets vanuit het negatieve beschrijft, dan krijg je altijd minder aanhangers dan wanneer je iets vanuit het positieve beschrijft. Dat is bij de voetprintariër ineens opgelost.” 

“De voetprintariër verbiedt namelijk niemand iets. Hij probeert alles te doen, maar telkens met een zo klein mogelijke voetafdruk. Voor ieder op zijn eigen manier, soms met veel moeite, soms zonder enige inspanning. Deze mindset aannemen is makkelijker dan je denkt: hoeveel mensen zijn bewust en ­actief bezig met het vergroten van hun voetafdruk? Ik ken in elk geval niemand die opzettelijk kilometers om rijdt om het milieu extra te belasten.”

De uitgangspunten van het voetprintarisme

Kees Aarts: “Om de voetprintariër tot actie aan te zetten, heb ik een aantal uitgangspunten geformuleerd. Geen geboden of regels of iets dergelijks, maar een soort basisset van uitgangspunten die mij in elk geval vaak helpen bij het maken van keuzes. Ze zijn niet geschreven als geboden of normen en waarden, maar als een soort meetlat waaraan je bepaalde keuzes kan aftoetsen.”

1. Hoe klein je denkt, zo groot je bent
“Je hebt als individu ergens een rol en die rol is wellicht groter dan je denkt. ‘Vele kleintjes maken één grote.’ Het is een tegeltjeswijsheid, maar eentje die klopt. De 1-procentregel wijst op die impact die je zelf heel snel kan maken: probeer elke dag of elke week naar minstens 1 procent verbetering te streven. Dat is makkelijk uitvoerbaar, maar kan grote gevolgen hebben. Het lijkt ook weinig, maar de kracht van keer op keer 1 procent is enorm. Stel dat je 100 euro had en je weet er 1 procent bij te sparen elke dag! Dat is ongeveer 1 euro per dag toch? En die wordt ook nog eens steeds meer met 1 procent, dus rente op rente? Welnu, dat is na 1 jaar 500 euro!” 

“Zo gaat het ook met verminderen. Als je kleine activiteiten en kleine verbeteringen constant uitvoert, dan heeft dat heel veel effect. Door die wegwerpbekers eindelijk te vervangen door een koffiemok, spaar je in een jaar een hoop plastic uit. En misschien belangrijker: 1 procent meer je best doen, klinkt haalbaar, toch? Dus bepaal voor jezelf waarop je je wil richten en welke verbeteringen of verminderingen je wil bewerkstelligen. Zo benader je de zaken anders dan wanneer je blijft focussen op wat je nog niet doet of kan, terwijl je op termijn een enorme impact hebt.”

2. Stel jezelf de juiste vragen
“Er zijn ongelooflijk veel dagelijkse activiteiten die je kan verduurzamen. Kleine veranderingen waar je ineens veel meer waardering voor hebt omdat je het op een manier doet die lekker of leuk is én beter voor het klimaat. Kan je dit concert bezoeken op een duurzame manier? Kan je het in een ander zakje doen? Om na te gaan wat je wil veranderen en hoe, stel je jezelf drie vragen. Eén: waar haal ik écht genot uit? Twee: wat kan ik anders doen of oplossen zodat mijn voetafdruk kleiner wordt? En drie: van welke zaken vind ik het prima dat het eigenlijk nooit lukt of gebeurt? De antwoorden verdeel je vervolgens in drie categorieën waar je mee aan de slag kan: afblijven, aanpassen en stoppen.”

3. Kies zelf je afslag
“Als voetprintariër kan je flexibel zijn zonder dat je het gevoel hebt dat je je principes loslaat. Het is een soort snelweg met afritten waarop je af en toe je profiel kan aanpassen. De hoofdsnelweg heet dan voetprintariër en de afritten zijn bijvoorbeeld dierenleed, productiemethode, afkomst, seizoen enzovoort. Met deze filters kan je de basis versterken en – belangrijker nog – je uitgangspunten verrijken en aanpassen. Niet elke dagelijkse bezigheid of beslissing hoeft in het duurzaamheidsplaatje te passen, het draait om compenseren en budgetteren.” 

“Het is soms ingewikkeld: zo hebben sommige vleesvervangers een hogere voetafdruk dan bepaalde vleessoorten. Hou je eigen uitgangspunten in de gaten, maar wees niet dogmatisch en blijf onderzoeken. Als consument kan je meer invloed uitoefenen dan je denkt. Mij gaat het bijvoorbeeld makkelijker af om minder nieuwe spullen te kopen dan om minder vlees te eten. Ook vind ik minder vliegen met het gezin geen probleem, dus compenseer ik het weer met wat anders.”

4. Perfectie bestaat niet
“De mens wil niet altijd handelen, denken en leven langs de uitgezette lijntjes. Eroverheen stappen is wat het leven spannend maakt. Zo is het ook met concessies doen voor een duurzamere toekomst. Het is gewoonweg onmogelijk om altijd, overal en continu bezig te zijn met duurzaamheid en het verkleinen van een voetafdruk.” 

“Ikzelf vind dat ook verschrikkelijk. Als ik nu zou weten en me zou voornemen dat ik altijd alles met een kleine voetafdruk moet doen, dan zou ik er niet eens aan beginnen. Ik wil best concessies doen en ik zie dat heel veel mensen om mij heen dat ook willen, maar niet altijd; ik wil ook af en toe zondigen. Van zeven naar drie keer per week vlees eten is weliswaar minder, maar er ligt nog steeds vlees op het bord. De optelsom van acties die de voetafdruk verkleinen en acties die de voetafdruk vergroten, moet in elk geval omlaag. Het is een illusie dat wij als mensheid alle acties en handelingen die onze voetafdruk vergroten kunnen stopzetten. Daarom kan je daar maar beter van genieten.”

Dilemma’s van elke dag

• Plantaardige of dierlijke melk?
“Amandelmelk komt van een boom, koemelk van een koe. Wat is beter? Als voetprintariër is deze vraag lastig te beantwoorden. Ze scoren namelijk omgekeerd goed op water versus energie. Er is veel meer water nodig om amandelmelk te maken, terwijl koeienmelk véél meer bijdraagt tot de opwarming van de aarde door de broeikasgassen die een koe produceert. Wat te doen? Er is een derde die met de winst wegloopt, en dat is havermelk. Die scoort op alle fronten het best.”

• Krant of e-reader?
“Wie groen denkt, leest zijn krant en magazines digitaal. Minder papier, dus beter voor het milieu. Niet dus. Het kost behoorlijk wat energie om een tablet of e-reader te maken. Je moet al snel veertig tot vijftig boeken lezen om het gelijk aan een krant of boek te maken. Bovendien is de digitale infrastructuur al bijna even groot qua energieverbruik als de gehele luchtvaartsector. Kranten en magazines zijn dus eigenlijk niet zo erg qua voetafdruk. Zeker niet als je je geprinte leesvoer ook deelt met anderen. Dan verdeel je namelijk de energiekosten over meerdere gebruikers. Qua voetafdruk is dat een schitterende oplossing. En leuk!”

• Reizen of thuisblijven?
“Wereldwijd verplaatsen het komende jaar ongeveer 4,7 miljard mensen zich met een vliegtuig. Reizen is makkelijk, goedkoop, leuk, maar vooral heel algemeen geworden. Daardoor vergeten we soms dat er ook heel wat moois in onze eigen achtertuin te vinden is. Genieten van een verre reis is moeilijk als je de basis niet hebt. En die basis is je eigen omgeving. Hoe kan je van architectuur in het Midden-Oosten genieten als je niet eens de bouwstijlen in eigen land kent? Hoe kan je de top tien mooiste plekken van Bali kennen vóór die van Nederland of België? En waarom zou je eerst wandelen in de Alpen en dan pas op de Utrechtse Heuvelrug? Doe eens echt exotisch, en kies wat vaker voor een vakantie dicht bij huis. Je zou eigenlijk airmiles moeten sparen óm te reizen, niet dóór te reizen. Of een soort cultuurbewijs moeten halen voor je gaat.”