“Ouder worden is aftakelen? Dat is onzin.” Onze ideeën over ouder worden maken ons ongelukkig. Experte geeft tips om ze aan te pakken

doorRedactieop 04/02/2022

Ze zijn zielig, zwak en hun beste tijd is voorbij: zo denken de meesten van ons over oude mensen. ‘Ageism’ heet dat. Ashton Applewhite (69), experte in leeftijdsdiscriminatie, ergert zich er dood aan. Ze onthult alle kleine manieren waarop we onze negatieve stereotypes over ouder worden in stand houden, ook al worden we er zelf ooit ongelukkig van. En ze geeft ons een ander, correcter beeld van vereouderen. “Voorbij de 65 moet je maar van schlagers houden. Terwijl experts net vaststellen dat hoe ouder we worden, hoe verschillender we allemaal zijn.”

Redactrice Lene Kemps: Seksistisch en racistisch gedrag wordt afgestraft, maar op leeftijdsdiscriminatie wordt zelden gereageerd. Je mag je ongegeneerd en hardop afvragen of ouderen nu echt wel eerst gevaccineerd moeten worden, want ze dragen toch niets bij aan de maatschappij. Een oudere sollicitant heeft het erg moeilijk op de arbeidsmarkt, een zeventiger krijgt amper nog een creditcard en ik heb zelf ondervonden hoe ik als zestiger en kersverse freelancer geen ‘verzekering gewaarborgd ­inkomen’ meer kon aanvragen. “Jouw betalingen wegen niet op tegen wat het ons zou kunnen kosten”, werd er gezegd.

“Ageism zou weleens het laatste nog aanvaarde vooroordeel kunnen zijn”, zegt Ashton Applewhite. “In het hart van een vooroordeel zitten stereotypen: ouderen worden als zielig en zwak afgeschilderd, hun beste tijd is voorbij, ze zijn niet relevant meer. Ouder worden is in die optiek haast uitsluitend een verhaal van verlies en aftakeling, van incompetentie en afhankelijkheid. Wat onzin is. Maar het ergste is dat ageism zo wijdverspreid is en zo diep zit, dat we het allemaal een beetje zijn gaan geloven. En hoe idioot is dat? Iedereen wordt ooit ouder.” 

“Bij racisme en seksisme hebben we het over ‘de ander’, maar bij ageism hebben we het over ons toekomstige zelf. We moeten een einde maken aan dat negatieve discours. Verouderen is geen probleem dat opgelost moet worden of een ziekte waarvoor een remedie moet worden bedacht. Het is een natuurlijk, krachtig en levenslang proces dat iedereen treft. Het zou ons kunnen verenigen. Nu drijft het ons uit elkaar in twee grote groepen: jong en oud.”

Applewhite was niet altijd zo’n positief ingestelde ageismactivist. Haar zoektocht naar wat het nu eigenlijk betekent, ‘ouder worden’, begon met een opmerking van haar schoonmoeder. “Bobs ouders hadden een boekhandel. Zijn moeder, Ruth, was in de tachtig toen ze tegen me zei: ‘Men wil maar één ding van ons weten: wanneer we met pensioen gaan. Kan jij niet eens iets schrijven over waarom die vraag ons steeds weer wordt gesteld?’ Ja, waarom eigenlijk? Waarom zouden mijn schoonouders niet actief mogen blijven?” 

Het zaadje was geplant en Ashton begon een blog: Sowhenareyougoingtoretire.com. Ze interviewde tachtigjarigen die nieuwe passies hadden ontdekt, en ontmoette bejaarden die een actief en gelukkig leven leidden. Haar mening over de ­‘latere leeftijd’ werd grondig overhoopgehaald.

“Ik was heel naïef toen ik aan het boek begon, ­onwetend zeg maar. En bang. Als ik aan het verouderingsproces dacht, passeerden alle clichés: de angst dat mijn gezondheid dramatisch zou achteruitgaan, de overtuiging dat ik niet alleen mijn looks maar ook mijn individualiteit zou verliezen, en de hamvraag: zal ik hard vechten tegen dat proces of is het makkelijker om je erbij neer te leggen? Dat ik op mijn tachtigste weleens gelukkiger zou kunnen zijn dan op mijn dertigste, was nooit bij me opgekomen. Maar het was wel de realiteit die ik vaststelde. Ik ontmoette massa’s actieve en gelukkige tachtigjarigen. Ik merkte hoe oudere mensen genieten van het leven, net omdat ze zich heel erg ­realiseren dat elke dag telt. Ik werd me bewust van die enorme discrepantie die er bestaat tussen de werkelijkheid van het ouder worden en het idee dat we ervan hebben. Waar komt ageism vandaan? Wie heeft ons in godsnaam wijsgemaakt dat het uitsluitend een verhaal is van dementie, depressie en ­incontinentie?”

Laten we die boosdoeners maar meteen noemen. Wie heeft ons dat wijsgemaakt?

Ashton Applewhite: “Als je hoopt dat ik een aantal sigaar ­rokende heren in een achterkamertje kan aanwijzen ... Nou, nee. Een aantal ontwikkelingen hebben ouder worden in een ander daglicht gesteld. Allereerst was er de uitvinding van de drukpers en de verspreiding van kranten en boeken, waardoor ouderen niet langer de doorgevers van kennis en geschiedenis waren. Moet je die evolutie betreuren? Natuurlijk niet. Ik ben geen voorstander van een zogenaamde gerontocratie, waarbij ouderen alle macht hebben en vereerd worden. Maar ik ben evenmin liefhebber van onze maatschappij, waarin jong zijn de absolute standaard is.” 

“Andere factoren waren de industrialisatie en verstedelijking, die families uit elkaar rukten en een einde maakten aan het intergenerationele wonen. Plots waren grootouders geen hulp meer, maar een zorg. Ze werden weggestopt in verzorgingstehuizen en ‘retirement villages’, gepensioneerdengetto’s, zodat we eigenlijk nog weinig met hen in contact kwamen. Ook de demografie speelde niet in het voordeel van bejaarden. De groep werd zo groot dat ze als last ­gezien werden, een probleem voor de sociale zekerheid en de gezondheidszorg. En ik wijs graag naar het kapitalisme en consumentisme als boosdoeners. Als je een natuurlijk proces – verouderen – problematiseert, dan kan je er geld aan verdienen door oplossingen te bieden. Van voedingssupplementen en vitamines tot inlegkruisjes en antirimpelcrèmes ... Er is een hele industrie gebouwd op de angst rond ouder worden.”

Eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik erg bang ben van ouder worden. Want voor mijn beide ouders was dat wel het verhaal: dementie, depressie en incontinentie.

“Dementie is horror, daar heb ik geen ander woord voor, maar het is niet de enige manier om ouder te worden. Gelukkig maar. Cijfers van de alzheimervereniging in de VS stellen dat een op de tien ouderen de aandoening krijgt. Dat blijft veel in absolute cijfers, maar het betekent ook dat negentig procent het niet heeft. Bovendien dalen de cijfers, ook voor dementie. Maar als je dementie of alzheimer van dichtbij hebt meegemaakt, dan beïnvloedt dat je visie. Dan is het moeilijk om je te verzoenen met het ouder worden, dat begrijp ik. Maar ik raad je aan om het te proberen, want onderzoek heeft uitgewezen dat die donkere gedachtes een effect kunnen hebben op je levensduur. De stress van een negatieve kijk op het ouder worden zou je leven met 7,5 jaar kunnen verkorten.”

“Ik wil niet zweverig doen: ‘eet boerenkool’ of ‘denk positief’ en alles zal wel in orde komen. Er zijn geen garanties, je kan pech hebben. Maar als je de feiten nuchter bekijkt, zijn er maar twee zaken over ouder worden die we zeker weten: we zullen afscheid moeten nemen van mensen die we vaak ons hele leven hebben gekend, en sommige lichaamsdelen zullen het laten afweten. Die twee zaken staan vast. De rest varieert per persoon. Het is geen zekerheid dat je verstandelijk zal achteruitgaan. Je zal niet per definitie ziek en zwak worden. De meeste mensen worden op een mooie en gelukkige manier oud, en blijven tot op hoge leeftijd zelfstandig. Dat moet je voor ogen blijven houden. Ouder worden is veel leuker dan we denken. Vraag aan een 65-plusser of hij terug wil naar een vroegere ­periode in het leven, en hij zegt bijna ­altijd nee. Haast niemand wil weer jonger zijn. De gelukscurve is een U-vorm. We zijn happy als kind en weer als oudere, maar tussenin niet zo.”

Wat is het geheim van goed en ­gelukkig ouder worden?

“Zoveel goeroes en wetenschappers hebben die vraag proberen te beantwoorden. Maar er is geen geheim. Verouderen is leven. Leven is verouderen. Je wordt geboren en vanaf dan komt er telkens weer een dag bij. Het geheim van goed ouder worden is dus: goed leven. Zin voor humor hebben, tolerant en open zijn, nieuwsgierig blijven. Wees een goed mens. Behandel anderen zoals je zelf behandeld wil worden. Sta midden in de wereld en beleef hem ten volle. Zit aan de zijkant van het leven en observeer. Koop een sportwagen of een schommelstoel. Doe waar je zin in hebt.”

Die schommelstoel is geruststellend, want het lijkt alsof je tegenwoordig de Mick Jagger-, Jane Fonda- of Sophia Loren-school van ouder worden moet volgen en hyperactief moet blijven: nog op tournee gaan op je zeventigste, of een nieuwe filmrol op je tachtigste.

“Goed voor hen, maar niets verplicht je om hetzelfde te doen. Je hoeft niet per se een marathon te lopen of een cursus paaldansen te volgen op je zeventigste. Breien is ook oké. Alle versies van ouder worden zijn goed, niet alleen de ‘sportieve’.”

“Mijn belangrijkste inzicht over ouder worden is dat onze individualiteit niet verdwijnt, maar met de jaren net meer uitgesproken wordt. Ageism heeft de neiging om van oudere mensen een homogene groep te maken. Ze hebben allemaal dezelfde leeftijd: oud, en delen allemaal dezelfde voorkeuren.”

Mijn moeder werd in het verzorgingstehuis steevast voor een liedjesprogramma op tv gezet waar ze absoluut niet van hield.

“Eenmaal de 65 voorbij moet je maar van schlagers houden. Terwijl experts net vastgesteld hebben dat hoe ouder we worden, hoe verschillender we allemaal zijn. Op mijn veertigste had ik meer gemeen met mijn leeftijdsgenoten dan nu op mijn 69ste. Toen zaten we allemaal in eenzelfde levensfase met gelijklopende problemen. Nu heb ik een erg specifiek traject achter de rug en ben ik tot zeer persoonlijke inzichten gekomen. Laat je dus niet vertellen dat er een juiste manier is om ouder te worden, er is alleen jouw manier.”

Dwingt ageism mensen om zich jong te blijven gedragen?

“Je hoort het bejaarden weleens zeggen: ‘Ik doe yoga, ik ga joggen, ik ben nog erg actief. Ik voel me helemaal niet oud.’ Ze nemen psychologisch afstand van hun leeftijdsgenoten omdat ze de heersende stereotypes geïnternaliseerd hebben. Ze zijn oud, maar ze willen het niet zijn. De Wereldgezondheidsorganisatie heeft er een prioriteit van gemaakt om te vechten tegen ageism, en te werken aan een positieve beeldvorming. Net omdat die stereotypen zo’n grote invloed hebben op ons welzijn, onze eigenwaarde en ons zelfrespect.”

U had nog geen grijs haar, maar liet het op uw 55ste grijs verven, als reactie op de ongeschreven regel dat vrouwen moeite moeten doen om er jong te blijven uitzien.

“Vanaf het moment dat je als vrouw ­tekenen van ouderdom vertoont – grijze haren of rimpels – word je onzichtbaar. Dan ben je niet meer interessant en zeker niet langer aantrekkelijk. Daar wilde ik tegen reageren. ‘Iedereen grijs!’, riep ik enthousiast op een lezing. Ik kreeg een reactie die je hoogstens als lauw kan omschrijven, en dat was een verdiende les in nederigheid. Wie ben ik om andere vrouwen voor te schrijven wat ze met hun haar moeten doen? Ik zondigde tegen mijn eigen regel: doe waar je zin in hebt.”

U bent een groot gelover in bewustwordingsprocessen om ageism tegen te gaan.

“Kijk waar de vrouwenbeweging nu staat door het continue werken aan bewustwording. ‘The personal is political’ was dé slogan van het feminisme, maar is ook toepasbaar op leeftijdsdiscriminatie. Het persoonlijke is politiek. Stop met te denken dat jouw negatieve ervaringen met ouder worden alleen de jouwe zijn, en erger nog: dat het op een of andere manier ‘jouw schuld’ is dat het afrekenen aan de supermarktkassa wat minder vlot gaat of dat de bus wat langer moet wachten tot je opgestapt bent. Het zijn de bestaande structuren en vooroordelen die je dat gevoel opdringen. Laat ik een vergelijking maken. Het feit dat je als man van een andere man houdt, is absoluut niet problematisch. Maar homofobie maakt er een probleem van. Het feit dat je een gekleurde huid hebt, bemoeilijkt je leven niet. Dat doet racisme. Het is niet het verloop van de tijd en het verouderen dat je in een hoekje duwt en als zwak neerzet, dat is ageism.”

“De negatieve opinies over oud worden zijn zo diep in onze maatschappij verankerd dat het me zou verbazen als er ­iemand vrij zou zijn van ageism. Als we liegen over onze leeftijd of onze gezichten laten botoxen tot onbeweeglijke maskers, zijn we medeplichtig. Als we op een feestje alleen maar met mensen van onze eigen leeftijd praten, zijn we ­medeplichtig. Als we van file veranderen in de supermarkt omdat er ‘een oud mevrouwtje’ voor ons staat, zijn we ­medeplichtig. Je eigen vooroordelen onder ogen zien is moeilijk. Maar het kan het begin van een sterke beweging worden. Oud en jong, we moeten bondgenoten zijn, geen vijanden. Er zullen nog veel conversaties en coalities nodig zijn om een beweging tegen leeftijdsdiscriminatie op gang te brengen, maar het begin is gemaakt.We’re all in this together.”

Enkele startpunten

• Onderzoek je eigen ‘ageistische’ reflexen in plaats van te proberen te bewijzen dat je absoluut niet aan leeftijdsdiscriminatie doet. Je moet de vooroordelen herkennen om ze te kunnen challengen.

• Als je eraan twijfelt of een uitspraak discrimineert, vraag je dan af of ze toepasselijk zou zijn op een jonger of ouder persoon. Wanneer wordt iemand een schattig meneertje?

• Let op met ‘nog’. Oudere mensen rijden niet ‘nog’ met de auto, hebben niet ‘nog’ seks of gaan niet ‘nog’ op reis. Het zijn voor hen gewone handelingen die ze al jaren doen, zoals iedereen.

• Vermijd stereotiepe adjectieven als kwiek, kranig, kras ... Wat is er mis met energiek en sterk?

• Zie de schoonheid in oude gezichten en lichamen, ze is er.

Pas op met: “Wat zie je er nog goed uit”

Het wordt ongetwijfeld met de beste bedoelingen gezegd, maar volgens Ashton Applewhite is de uitspraak doordrenkt met ageïsme. “Het is een dubieus compliment. Je wordt verondersteld om je gevleid te voelen, maar eigenlijk benadrukt het alleen maar hoe oud je eigenlijk wel bent. Vroeger werd ik ongemakkelijk van die uitspraak. Sinds ik volledig vrede heb met mijn leeftijd, antwoord ik opgewekt: ‘bedankt, jij ook.’ Dat zorgt altijd voor verwarring, zeker als de persoon in kwestie jonger is.”

Geef een ouder persoon dus geen complimenten die alleen maar gebaseerd zijn op hoe anders (fitter, stijlvoller, sterker) hij/zij is dan de meeste personen van zijn/haar leeftijd. “Ik kan niet geloven dat u al 75 bent” is een compliment ten koste van alle andere 75-jarigen, en de formulering houdt in dat de bewondering gebonden is aan uitzonderlijk gedrag. Geef ‘gewoon’ een compliment: ‘wat bent u elegant’, of ‘wat ziet u er fit uit’, zonder de ‘voor uw leeftijd.”