Bevallen: bewust én op maat

doorRedactieop 23/06/2010

Uit onderzoek blijkt dat wie goed geïnformeerd is, vaak rustiger én vlotter bevalt. Wij spraken met gynaecoloog Firas Cha'ban van het Antwerpse Sint-Vincentiusziekenhuis en vroedvrouw Veerle Decorte van expertisecentrum De Kraamvogel over alles wat je absoluut moet weten vóór je bevalt.

Ben je zwanger, dan sta je al meteen voor een belangrijke keuze: door wie laat je je tijdens je zwangerschap begeleiden? Je kan kiezen voor het klassieke pad en maandelijks op consultatie gaan bij een gynaecoloog. Of je gaat te rade bij een zelfstandige vroedvrouw. Ook zij is daar perfect voor opgeleid. Ze werkt samen met een gynaecoloog bij wie je tijdens je zwangerschap twee tot drie keer op raadpleging gaat voor een echografisch onderzoek. Een derde mogelijkheid is het all inclusive pakket: je gaat maandelijks naar de gynaecoloog en laat je daarnaast ook begeleiden door een vroedvrouw. 'In ons land is zwangerschapsbegeleiding door een vroedvrouw nog niet zo ingeburgerd. Dat is jammer, want vaak blijven vrouwen met een aantal vragen zitten. Ik denk dan bijvoorbeeld aan vrouwen die twijfelen tussen borst- of flesvoeding en nood hebben aan meer informatie. Een gynaecoloog kan daar vaak minder tijd voor vrijmaken. Voor zulke zaken kan je bij een vroedvrouw zeker terecht', aldus Veerle Decorte.

Ziekenhuisbevalling of thuisbevalling?
Bij wie je tijdens de zwangerschap te rade gaat, bepaalt meteen ook waar je zal bevallen. Onderzoek toont aan dat de meeste vrouwen zich niet echt bewust zijn van de keuze die ze daarin hebben. Bij het begin van de zwangerschap raadplegen ze een gynaecoloog en kiezen daardoor sowieso voor een ziekenhuisbevalling.

In ons land is dat nog steeds de meest courante bevallingsvorm. Bij een probleemloze bevalling verlaat je na vier à vijf dagen het ziekenhuis. Zie je op tegen een lang ziekenhuisverblijf, dan is een poliklinische bevalling een alternatief. Poliklinisch bevallen betekent dat je na de bevalling maximaal twee dagen in het ziekenhuis verblijft.

'Het is een interessante optie,' meent Dr. Cha'ban. 'Het biedt enkele financiële voordelen, en vooral bij een tweede of volgend kind is het aangenaam om snel weer bij je gezin te zijn. Bij een eerste kind is het minder evident. Een eerste bevalling gaat vaak gepaard met typische moeilijkheden zoals het traag op gang komen van de borstvoeding. Wat langer in het ziekenhuis blijven helpt dan vaak.' Ook Veerle Decorte gelooft sterk in de toekomst van poliklinische bevallingen. 'Het aantal ligdagen in het ziekenhuis zal meer en meer worden ingekort. In vele ziekenhuizen worden patiënten nu al gevraagd om vroeger naar huis te gaan als het erg druk is. Een vroedvrouw kan thuis de gezondheid van moeder en kind verder opvolgen. Die bezoeken worden trouwens volledig terugbetaald.'

Kies je voor zwangerschapsbegeleiding door een zelfstandige vroedvrouw, dan ga je voor een ander parcours: de thuisbevalling. Een vroedvrouw is ervoor opgeleid om moeders tijdens de bevalling te begeleiden. In ons land staat de thuisbevalling nog in zijn kinderschoenen. Slechts één procent van de bevallingen gebeurt thuis. De meningen hierover zijn verdeeld. Voorstanders wijzen erop dat een bevalling geen ziekte is. Een vrouw is nog steeds in staat om zelf een kind op de wereld te zetten.

Vanuit de dokterswereld klinkt het gematigd. 'Aan een bevalling zijn nog steeds risico's verbonden. Het hoort thuis in een gecontroleerde, veilige omgeving,' zegt dokter Cha'ban. 'Een ziekenhuisomgeving is veiliger dan een thuisomgeving. In je eigen omgeving bevallen klinkt heel romantisch. Iedere vrouw moet daar natuurlijk zelf over beslissen. Ik raad thuisbevallen niet af, maar wel als het om een eerste bevalling gaat. Als er tijdens een bevalling problemen optreden, is dat vaak bij een eerste bevalling.' Uiteraard zijn er aan een thuisbevalling een aantal voorwaarden verbonden. Zo moet je in de nabijheid van een ziekenhuis wonen en moet je woonst vlot bereikbaar zijn. Bij een meerling of een risicozwangerschap word je sowieso doorverwezen naar een gynaecoloog om in een ziekenhuis te bevallen. In een aantal ziekenhuizen kan je met een zelfstandige vroedvrouw bevallen. Treedt er tijdens de bevalling een probleem op, dan neemt de gynaecoloog van wacht het over. Dokter Cha'ban: 'Vrouwen zien hun bevalling dan toch nog veranderen in een medische bevalling. Een vroedvrouw beperkt zich tot de normale verloskunde. Is er verdoving nodig of verloopt de bevalling problematisch, dan komt de bevalling in handen van de gynaecoloog.'

Bevalling op bestelling
Ziekenhuizen hebben volgens vroedvrouw Veerle Decorte vaak nogal een intimiderend effect op patiënten. 'Daarom proberen we hen op een objectieve manier te informeren over de keuzes die ze hebben, ook in een ziekenhuis. We willen vrouwen krachtiger en assertiever maken. Iemand die zo natuurlijk mogelijk wil bevallen, zegt dit best duidelijk aan de vroedvrouw wanneer ze binnenkomt. Ik ben ervan overtuigd dat de meeste vroedvrouwen daar dan zo veel mogelijk mee gaan helpen.' Het gevoel zelf inspraak te hebben in de bevalling komt het zelfvertrouwen van de moeder ten goede. Al kan je natuurlijk niet alles naar je hand zetten. Zo laat je je bevalling best niet inleiden zonder grondige reden.

In Vlaanderen is het inleidingpercentage onrustwekkend hoog: maar liefst 30 procent van alle bevallingen wordt ingeleid. Vaak gebeurt dit omwille van comfortredenen en niet zozeer uit noodzaak. En dat is alarmerend. 'Als er medisch gezien geen reden is waarom een bevalling sneller op gang moet komen, laat de natuur dan zijn werk doen,' aldus dokter Cha'ban. 'Volgens wetenschappelijk onderzoek mag de zwangerschapsduur van 40 weken met veertien dagen worden overschreden. De meeste gynaecologen nemen tien dagen als grens.' Een ingeleide bevalling duurt gewoonlijk langer en loopt vaak moeizamer dan een natuurlijke bevalling. 'De kans is erg groot dat je tijdens de arbeid zal worden bijgestimuleerd om de weeën sneller op gang te brengen,' verduidelijkt Veerle Decorte. 'Hierdoor komen de weeën niet op een natuurlijk ritme en zal je eerder pijnstilling nodig hebben. Het beeld dat zulke vrouwen nadien van een bevalling hebben, is volledig vertekend. We merken vaak dat hun zelfvertrouwen hierdoor een flinke deuk heeft gekregen.'

Alternatieve pijnstilling op het menu
Pijn en bevallen gaan hand in hand, daar kan je niet omheen. Toch zijn er een aantal zaken die kunnen helpen om beter met die pijn om te gaan. Zo is het nuttig om voor je bevalling al eens stil te staan bij hoe je pijn beleeft. Veerle Decorte: 'Tijdens prenatale lessen proberen we vrouwen bewust te maken van hun pijnbeleving. Wat helpt je nu? Sowieso komt er tijdens de bevalling een moment waarop je de pedalen verliest. Daar moet je je van bewust zijn. Ook een vroedvrouw weet dat. Dat is het moment waarop je als vroedvrouw je patiënt vastneemt en probeert om haar erdoor te helpen. Ik geef ook weleens als tip om een lijstje te maken met wat je allemaal kan doen. Een menukaartje als het ware, waaruit je kan kiezen en proeven tijdens de arbeid. Je kan beginnen met de bevallingskamer gezellig te maken, een kaarsje aan te steken en muziek op te zetten. Ook heen en weer wiegen op een zitbal of een warm bad nemen kan deugd doen. Warm water kan de scherpe kantjes van de pijn halen en je weer wat verderhelpen. Zo krijg je het gevoel dat je keuzes hebt, en dat er uiteindelijk wel iets zal zijn dat helpt.

Vrouwen die vertrouwd zijn met alternatieve benaderingswijzen kunnen tijdens de bevalling baat hebben bij homeopathie, bachbloesemtherapie of aromatherapie. Ook voetreflexologie en acupunctuur kunnen pijnstillend werken. Uiteraard tover je zulke therapieën niet zomaar tevoorschijn. Daar gaat een hele behandeling aan vooraf die ruim voor de bevalling start. Als algemene regel raad ik aan om zo lang mogelijk rond te lopen, recht te staan en te bewegen met je bekken. Sommige vrouwen hebben deugd aan een massage. Anderen kunnen geen aanrakingen verdragen. Wat niet helpt is een televisie op de arbeidskamer. Daardoor verlies je je aandacht. Tracht je te concentreren op wat je voelt. Ook je partner helpt niet altijd. Misschien word je liefst even met rust gelaten. Als partner hoef je niet de hele tijd bij je vrouw te blijven. Bespreek dit wel op voorhand. Je wil je vrouw niet het gevoel geven dat je haar in de steek laat.'

Epidurale verdoving
Moeten we pijn lijden tijdens een bevalling? Die vraag stellen vrouwen zich geregeld, én terecht. 'Pijnbeleving is voor iedereen verschillend,' zegt dokter Cha'ban. 'Ik zeg mijn patiënten steeds dat we starten zonder pijnstilling en we wel zien hoe het loopt. In ons ziekenhuis gebeurt ongeveer 60 procent van de bevallingen met een epidurale verdoving. Hoewel anesthesisten steeds gebruik maken van dezelfde verdovingsdosis, reageert iedere vrouw anders. Dat maakt het niet gemakkelijk.

De ideale verdoving zorgt enkel voor pijnstilling, zodat de patiënt de controle over haar motoriek behoudt. Dan kan ze nog persen, maar dan zonder pijn. Helaas zijn sommige vrouwen te zwaar verdoofd, waardoor de uitdrijvingsfase moeizamer verloopt. Je moet er niet van uitgaan dat je een epidurale verdoving nodig zal hebben, maar soms is het een hulpmiddel dat goud waard is. Voor iemand die volledig uitgeput is, is een epidurale verdoving een godsgeschenk. Het zorgt niet enkel voor ontspanning, maar soms ook voor een snelle volledige ontsluiting.' Uiteraard zijn er ook nadelen aan verbonden waarvan je je bewust moet zijn. Zo is de kans groter dat je extra weeënopwekkers zal krijgen toegediend. Iemand die niets meer voelt kan moeilijker persen, waardoor de kans op een kunstverlossing toeneemt. De verdoving kan ook de bloeddruk van de moeder beïnvloeden, waardoor de hartslag van de baby onregelmatig kan worden - al bestaan daar wel opvangmiddelen voor.

Bevallen in bad
In bad bevallen is tegenwoordig een heel gewone bevallingsvorm. 'Ongeveer één op tien van onze patiënten bevalt in bad,' zegt Dr. Cha'ban. Over de gevaren ervan bestaat discussie. 'Er zijn gynaecologen die geen badbevallingen doen omwille van het infectiegevaar. In het Sint-Vincentiusziekenhuis begeleiden we nu al zo'n twaalf jaar badbevallingen. Tot nu toe heb ik gelukkig nog nooit te maken gehad met een patiënt met een ernstige infectie. Dat wil echter niet zeggen dat het risico niet bestaat. De kans op infecties bij de moeder is groter dan bij een klassieke bevalling. De baarmoeder van de moeder wordt beschouwd als een steriel milieu. Badwater is dat zeker niet. We proberen het water zo proper mogelijk te houden, maar echt steriel is het nooit.'

Pershoudingen
'We geven vrouwen de vrijheid zelf hun pershouding te kiezen,' zegt dokter Cha'ban, 'al hangt één en ander ook af van of het al dan niet om een eerste bevalling gaat. De bevalling van een eerste kind duurt meestal heel wat langer dan die van een volgend kind. We merken dat vrouwen steeds smallere bekkens en stevigere bekkenbodems hebben. Bovendien zijn de baby's groter. Die combinatie maakt dat de bevalling van een eerste kind meestal geen sinecure is. Gemiddeld rekenen we op zestien uur, vanaf de eerste wee tot aan de geboorte.' Patiënten hebben vaak het idee dat zittend persen makkelijker gaat: op het toilet 'zit' je namelijk ook. Een logische redenering volgens dokter Cha'ban, maar in realiteit is het niet zo eenvoudig. 'Naar het toilet gaan is niet hetzelfde als een kind van gemiddeld 3,5 kilogram op de wereld zetten.

Het effect van de zwaartekracht wordt overdreven. Je moet de voor- en nadelen van rechtopstaand persen afwegen tegen die van liggend op een bed. Rechtopstaand persen betekent dat je je eigen gewicht moet dragen. Dat is erg vermoeiend. Een halfliggende houding maakt het mogelijk om af en toe eens te rusten.' Wat ook kan helpen is om verschillende houdingen af te wisselen. 'Je mag alles testen. In plaats van op voorhand een strakke voorstelling te maken van hoe je wil bevallen, ondervind je best aan den lijve wat voor jou werkt.'

Door Lynn Guillaume
Goed Gevoel, juni 2010