Haal je energie uit voedsel

doorRedactieop 24/01/2008
Koolhydraten, zoals in brood, zijn zeer belangrijk.

Je bent moe, futloos, mist de energie om veel werk te verzetten? Het is niet alleen de winter, je drukke job of die moeilijke combinatie gezin-kinderen, maar ook je voedsel.

In een tijd waar eten onder druk staat, wordt al te vaak vergeten dat wat je eet, je voornaamste energiebron vormt. Als je lichaam niet genoeg energie krijgt, is het logisch dat je geen energie kan opbrengen. Koolhydraten, vetten en proteïnen vormen de hoofdrolspelers.

Energiebron 1: Koolhydraten
Koolhydraten (zetmeel en suikers) vormen de voornaamste energiebron. Een algemeen tekort aan koolhydraten kan leiden tot een slechte adem, vermoeidheid, concentratiestoornissen en spierafbraak. Hoewel maar een beperkt aantal niet-opgebruikte koolhydraten in het lichaam kan worden opgeslagen, is een tekort aan koolhydraten weinig waarschijnlijk.

Ook suikertekort kan je concentratieproblemen opleveren, vooral omdat hersenen zich voeden met glucose. Om dit te vermijden, sla je best geen maaltijden over en hou je voldoende koolhydraten en proteïnen in je voedingspatroon.

Een dip in je suikerniveau kan ook optreden na intensief sporten, waarbij je meer verbrand hebt dan je opgenomen hebt en zware ziektes, zoals de griep. Heb je snel energie nodig, ga dan niet voor de snelle suikerrush want die kan ook weer een scherpe daling veroorzaken.

In een evenwichtig dieet vormen koolhydraten tussen 55 en 75 procent van je voedselinname. Koolhydraten vind je in pasta, rijst, brood en aardappelen maar ook in bonen en fruit. Kiest hierbij voor de volkoren- of granenversie.

Energienbron2: Proteïnen
Tien procent van de energie haal je uit proteïnen, zoals in mager vlees, eieren, vis en kaas (dierlijke oorsprong) en brood, granen, peulvruchten en soja. Deze eiwitten dienen voor het opbouw van weefsel, wat te veel is wordt omgezet in energie. Het teveel aan energie wordt omgezet in lichaamsvet.

Een tekort aan proteïnen (weerom heel onwaarschijnlijk in ons land) vermindert de fitheid, kracht en de weerstand tegen infectieziekten. Wat je nodig hebt aan proteïnen, verschilt per lichaamsgewicht. Het berekenen in heel eenvoudig: je vermenigvuldigt je lichaamsgewicht met 0,75 en deelt het door 0,7.

Dat levert een cijfer op dat net iets hoger ligt dan je gewicht. Zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven, hebben een verhoogde behoefte aan proteïne (respectievelijk: + 14 en +23).

Energiebron 3: Vetten
Tot slot zijn er nog de vetten, die maximaal dertig procent uitmaken van je energiebehoefte. Verzadigde vetten zijn daarbij zoveel mogelijk te vermijden, want ze doen de cholesterol toenemen en de aders dichtslibben. Voorbeelden zijn alle 'harde' vetten, zoals boter, vaste braadvetten, koekjes en chcolade.

De onverzadigde (eerder vloeibare) vetten zijn gezonder. Deze vind je ook in noten. Onverzadigde leveren wel evenveel energie dan verzadigde vetten, dus je mag er niet meer van eten. Matigheid blijft geboden.

Regelmaat
Om je lichaam voldoende te voeden is regelmatig eten (drie maaltijden en twee of drie snacks) zeer belangrijk. Zo blijft de energietoevoer constant, wat een daling in suikerniveau (en dus snacken of zelfs overeten) kan voorkomen.

Wat met fruit, groenten en water? Deze zijn essentieel in elk dieet om de nodige voedingsstoffen, vezels en mineralen te leveren maar ze leveren maar weinig energie. Toch wil dat niet zeggen dat je ze mag schrappen, integendeel! (edp)

Proteïnen maken 10 procent van de energiebehoefte uit.