Helaas, snoozen doet meer kwaad dan goed

doorSophie Vereyckenop 22/06/2015

De meeste ochtenden zijn de snoozeknop van mijn wekker en ik twee handen op een buik. "Nog vijf minuutjes", worden er meestal minstens drie keer zo veel, waardoor ik uiteindelijk in zeven haasten de deur uit moet om toch nog op tijd te zijn. Echt ontspannend zijn die ochtenden niet, al troost ik mezelf met het feit dat ik toch wat meer slaap gehad heb. Al blijkt die stelling in realiteit nergens op te slaan, want van snoozen zou je helemaal niet beter uitgeslapen zijn.

Waarom snoozen we eigenlijk? Heel simpel: om wat langer te kunnen blijven liggen. We voelen ons nog steeds moe wanneer het alarm afgaat, en we zijn nog niet klaar om het warme comfortabele plekje tussen de lakens te verlaten. We willen nog even blijven slapen om ons zo minder moe te voelen. Er is echter één groot probleem: blijven snoozen zorgt er helemaal niet voor dat we meer uitgeslapen aan de dag beginnen, omdat we niet de slaap krijgen die we echt nodig hebben. Wanneer we na het aflopen van de wekker nog even blijven snoozen, is die slaap allesbehalve verkwikkend en herstellend. Integendeel, het zorgt er net voor dat ons lichaam en slaapcyclus in de war raken, waardoor we ons net nog meer vermoeid en sloom voelen.

Biologische klok
Volgens slaapexperte Wendy M. Troxel is het grootste probleem echter dat we door te snoozen steeds wakker worden op een ander tijdstip. Misschien is het maandag vijf minuten later, vijftien op dinsdag en woensdag een vol uur omdat je ochtendmeeting niet doorgaat. Feit is dat je door het snoozen een bijzonder onregelmatig patroon opbouwt en daardoor de biologische klok van je lichaam ontregelt. Wanneer we echter steeds op hetzelfde tijdstip wakker worden, zal ons lichaam ervoor zorgen dat dat steeds makkelijker gaat. In dat geval gaat onze biologische klok immers aan het werk, waardoor je slaap een uurtje voor de wekker afloopt vanzelf al minder diep wordt en je lichaam aan je hersenen laat weten dat het bijna tijd is om op te staan en wakker te zijn.

Verstoorde slaapcyclus
Wanneer je echter blijft verder slapen en snoozen, slaagt je lichaam er niet meer in om te voorspellen wanneer je precies moet wakker worden, en krijgen je hersenen niet tijdig signalen dat het tijd is om op te staan. Die signalen omvatten een stijging van de lichaamstemperatuur en het cortisol niveau, waardoor je je wakkerder en energieker voelt. Daarnaast wordt ook de slaapcyclus van je lichaam verstoord. Wanneer je na het snoozen weer in slaap valt en vervolgens een tweede keer wakker wordt, verstoor je de nieuwe slaapcyclus, waardoor je je nog meer moe zal voelen dan wanneer je meteen van de eerste keer was opgestaan.

Moraal van het verhaal? Stoppen met snoozen. De oplossing is om je alarm op het laatst mogelijke tijdstip te zetten (maar uiteraard nog steeds de tijd hebt om op tijd op het werk of op school te raken).