Laat je kinderen meer bewegen met deze tips

doorTine Kintaert & Nina Dillenop 03/12/2016

Belgische kinderen bewegen te weinig, zo blijkt uit een nieuw rapport van de KU Leuven, UGent en het Wetenschappelijk Instituut van Volksgezondheid. Heb je zelf een kind dat liever uren op zijn smartphone tokkelt dan met een voetbal aan de slag te gaan? Met deze tips zorg je ervoor dat je zoon of dochter toch voldoende beweging krijgt.

De belangrijkste regel: we moeten anders naar sport gaan kijken. Volgens Dr. Fatima Cody Stanford van Harvard Medical School zien we sport vooral als een middel om af te vallen. "Maar bij kinderen is dat vaak geen punt. Ze zijn nog aan het groeien, dus moet je beweging eerder zien als een manier om gezonder en gelukkiger te worden." Onderzoek bewijst dat wie vaak beweegt een beter leven leidt: zo krijg je bijvoorbeeld minder kans op chronische ziekten en depressies. Kinderen scoren ook gemiddeld beter op school als ze fit zijn.

Maar het is niet gemakkelijk om je kinderen te leren dat ze heel hun leven moeten blijven bewegen. "Je moet dat idee al vroeg inplanten en ontwikkelen, en dan zullen ze zich altijd verbeteren", aldus Cody Stanford. Maar hoe doe je dat precies?

1. In de kleuterklas: "Zelfs kinderen van deze leeftijd kunnen zeer goed zeggen wat ze fijn vinden en wat niet. Spoor hen aan om te bewegen zoals ze het graag doen. En geef zelf het goede voorbeeld: als ze je regelmatig zien joggen, gaan ze dat als normaal beschouwen."

2. In de lagere school: In deze periode worden kinderen zich bewuster van hun lichaam, en merken ze dat sommigen beter zijn in sport dan anderen. "Op deze leeftijd is het cruciaal dat je kinderen aanspoort om vol te houden met de sporten die ze graag doen. Leg ze uit dat 'de beste zijn' niet het belangrijkste is bij bewegen, maar dat ze er blij en gezond van worden."

3. In het middelbaar: deze leeftijd leunt aan tegen volwassenheid, wanneer er geen sportlessen meer bestaan om je te helpen bewegen. Hier is het dus belangrijk om je kinderen gewoontes aan te leren die ze ook na school kunnen meenemen. "Spoor ze aan om ook buiten de schooluren te bewegen. Een sportclub, een fitness... Ze zijn ook oud genoeg om zelf de verantwoordelijkheid op te nemen en voldoende te sporten." Stanford wil het liefst dat ze een uur per dag bewegen. "En dat hoeft niet in een keer: tien minuten hier, twintig minuten daar... Voor je het weet heb je een sportieveling in huis."