Rouwen, hoe doe je dat?

doorRedactieop 25/11/2009

De dood en de belastingen zijn de enige tweezekerheden in het leven, luidt een Amerikaans gezegde.Over de fiscus wordt veel gepraat, over de dood veel minder. Niet omdat het niet mag, maar omdat het zo moeilijk is. Een boek zoals 'Ze zeggen dat het over gaat' van Johan Maes en Evamaria Jansen is daarom een geschenk voor iedereen die geconfronteerd wordt met het overlijden vaneen geliefde.

Over rouw, verlies en verdriet is al veel geschreven, maar vaak vanuit het model van dr. Elisabeth Kübler-Ross, de Amerikaanse arts-psychiater die stelt dat rouw altijd in een vijftal, niet per se chronologische fasen verloopt: de ontkenning, de woede, het marchanderen, de depressie en de aanvaarding. Nieuw onderzoek toont overtuigend aan dat ieder rouwproces uniek is en niet noodzakelijk 'over gaat'.

Johan Maes: 'Laat mij eerst even nuanceren: Kübler-Ross heeft wel de grote verdienste dat zij het thema rouwen bekend en bespreekbaar heeft gemaakt bij een groot publiek. Haar fasemodel werd een norm, een model waar je je als rouwende bijna aan moest houden. Je moest door die trechter van emotionele verwerking, voor je jezelf 'genezen van de rouwpijn' kon noemen. Het impliceerde ook dat rouwen een eindpunt heeft, en dat het een probleem is dat opgelost moet worden.'

Evamaria Jansen: 'Maar rouw is geen probleem, het is een gegeven. Je moet er mee op pad. Er iets mee doen, het een plaats geven, het een betekenis toekennen.'

GOEDBEDOELDE CLICHÉS
'Ze zeggen dat het over gaat' is een cliché, een goedbedoeld advies, een uiting van onze onmacht tegenover de radeloosheid en de wanhoop van mensen die rouwen. Maar terugvallen op clichés en algemeen geldende maar nooit bevraagde maatschappelijke normen, het kan schadelijker zijn dan je denkt, en een rouwproces zelfs serieus bemoeilijken en blokkeren.'

Johan: ''Je moet je verlies verwerken.' 'Je moet door de pijn heen... anders zal je je terugslag nog wel krijgen.' 'Je komt wel weer een ander tegen.' 'Je moet de draad weer opnemen.' 'Tijd heelt alle wonden.' ...

Als rouwende krijg je adviezen die zeggen hoe je met het verlies behoort om te gaan of die verwijzen naar de toekomst, naar het leven dat verdergaat. Op den duur weet je niet langer hoe het hoort: moet ik nu sterk zijn of moet ik nu huilen en boos zijn? Moet ik de draad van mijn leven oppakken of betekent dat juist dat ik mijn verdriet onderdruk?' '

Aan de basis ligt het feit dat onze cultuur geen pijn verdraagt, of toch niet te lang. Het is de bedoeling dat ieder zo vlug mogelijk de pijn van het verlies verwerkt, loslaat en zijn of haar evenwicht hervindt. Van mensen die 'te lang' rouwen, wordt al snel gezegd dat ze zich wentelen in hun verdriet. Soms gaan we hen vermijden of zelfs beschuldigen.

Het is heel moeilijk blijvend geconfronteerd te worden met uitingen van pijn. Zo krijgen de mensen die het meest gekwetst zijn, niet alleen de minste steun van hun directe omgeving, maar worden ze bovendien nog eens gekwetst door oplossingen, goede raad, opdrachten om het positieve te zien, gemoraliseer, vermijdingsgedrag en beschuldigingen. In se hebben die 'raadgevers' geen slechte intenties, we willen vooral dat de pijn waaraan we onze rouwende medemens zien lijden, zo vlug mogelijk ophoudt.'

Evamaria: 'We zouden met z'n allen veel vertrouwder moeten worden met de idee dat rouwen in wezen nooit 'stopt', dat het bij het leven hoort en nooit 'overgaat'. Rouwen is een proces dat zich doorheen ons leven ontplooit en ontwikkelt en in elke levensfase opnieuw betekenis krijgt. Het gaat er om een beschermende omgeving te creëren die rouw tolereert en aanmoedigt, in plaats van die te belemmeren en te blokkeren.

Tegelijk moet er ook meer rouwzorg worden aangeboden voor mensen die vastgeraakt zijn in hun rouwproces en die verlangen naar heling. Het herkennen, bespreken, bevragen, ruimte laten voor vertwijfeling en veiligheid creëren: daarin ligt de kern van gezond omgaan met rouw.

Als iemand zegt 'ik heb pijn', niet met oplossingen komen, maar wel hardop of met een gebaar erkennen 'ja, er is pijn'. Als je het niet opvangt en onder tafel duwt, gaat het verkeerd.'

EMO OF RATIO?
'Tijdens de begrafenisplechtigheid van mijn man heb ik zelfs niet kunnen huilen, dat is toch niet meer normaal?'

Johan: 'We leven in een emocratie. Er wordt van een rouwende verwacht dat hij alles met zijn emoties oplost, dat hij het emotioneel verwerkt. Maar in de eerste rouwmaanden gebeurt er zoveel, davert je leven zo op zijn grondvesten, dat je vaak simpelweg niet toekomt aan de verwerking van al die
gevoelens.

En tegen de tijd dat de echte rouwemoties dan loskomen, worden ze vaak niet meer getolereerd ('Waar huil jij nu nog over?'). Je vóelt dus niet alleen je rouwproces, je dénkt je er ook door. Die rationele benadering is vaak ook nodig, en het is bovendien een voortdurende slingerbeweging. Als alleenstaande ouder met kleine kinderen, bijvoorbeeld, kan je je het vaak niet permitteren openlijk en emotioneel en veel te rouwen, de zorg voor het leven gaat voort. We zien vaak dat die mensen pas na vijf of tien jaar, of zelfs na een nog langere periode, de rouw voor zichzelf toelaten.'

'Bovendien kan een te grote focus op de emotionele verwerking het rouwproces ook bemoeilijken, waardoor de rouwpijn langer aanhoudt. Het gaat erom dat je je emoties wat kan sturen, dat je enerzijds niet overspoeld blijft door gevoelens en anderzijds niet alle emotionele uitingen blokkeert. Het is ook nodig om te veel pijn te kunnen vermijden om het draaglijk te houden en het uiten van emoties is niet altijd en overal gezond.'

BLIJVENDE BINDING
'Ik blijf me voor altijd verbonden voelen met mijn overleden vrouw, ik voer zelfs hele gesprekken met haar'

Johan: 'In de klassieke trechtervisie op rouwverwerking zou een binding die blijft bestaan met de overledene, algauw het stempel krijgen van 'ziek' of 'niet gewenst'. Iemand die blijft praten met haar overleden kind, blijft dromen over haar overleden grootouders, steun blijft vragen aan zijn overleden vader, ook al zijn die mensen al tientallen jaren dood, is in die visie geen voorbeeld
van gezonde verwerking.

Een meerderheid van rouwenden getuigt echter van een
positieve blijvende verbinding met de overleden dierbare, ervaart deze binding als ondersteunend voor het rouwproces en zelfs een bron van rijker functioneren in het nu. Ze laten niet los, ze verbinden.'

Evamaria: 'Wat je geleidelijk aan wel moet loslaten, is de fysieke persoon, de oude wereld die je samen hebt opgebouwd, de wereld van dagelijks samen dingen doen, huishouden, reizen, plannen maken...

Maar loslaten in de betekenis van: vergeten, niet meer aan iemand denken, niet meer over hem praten, die persoon vervangen
door een nieuwe relatie, geen verdriet meer hebben als je over de overledene praat, zijn naam niet meer noemen, laten uitdoven, de relatie afsluiten... kan wel kwalijke gevolgen hebben als er externe of interne druk achter zit. Kinderen die op jonge leeftijd een ouder verliezen en hem of haar op de manier van hun omgeving moeten loslaten, kunnen hierdoor later in het leven ernstige problemen krijgen.'

HET BELANG VAN HERINNERING
'Wie herinnerd wordt, is niet dood' Johan: 'De herinnering op jouw zelf gekozen manier levendig houden, is heel gezond in het rouwproces. Zo kan je bijvoorbeeld veel praten over de overledene. Je zoekt manieren om diens levens- en stervensverhaal te reconstrueren. Soms in een boek, soms als herdenkingsboek
met foto's, teksten, en symbolen. Je kan plaatsen koesteren waar je vaak met de overleden persoon bent geweest of die hem of haar dierbaar waren. Soms vindt verbinden ook plaats in dromen. Het zou kunnen dat je jarenlang droomt over de overledene, in dromen die om de zoveel tijd terugkeren. Je dromen kunnen
in de loop van de tijd ook veranderen.

Sommigen voelen de tegenwoordigheid van de overledene, praten tegen de overledene, voeren innerlijke dialogen (of hardop) over het dagelijks leven of over bepaalde gebeurtenissen die men heeft meegemaakt. ('Mijn mama is veertig jaar geleden gestorven en ik praat nog heel vaak met haar en als ik het moeilijk heb, vraag ik om haar steun')

Ook het blijven zorg dragen voor de tuin, de kamer, het graf kan het gevoel geven van een blijvende verbondenheid. Je kan die ook ervaren door de wensen uit te voeren van de overledene of je te identificeren met de overledene door bijvoorbeeld de waarden van de overledene over te nemen of uit te dragen ('Ik wil zijn zoals mijn overleden vader was'). De overledene wordt dan als een soort gids gezien in het leven ('Wat zou hij nu in deze situatie gedaan hebben?').

Vaak kan dit ook bestaan uit het voortzetten van gezamenlijke levensdoelen of projecten, bijvoorbeeld het samen opgebouwde bedrijf, of door vast te houden aan familietradities (gezamenlijk het kerstfeest vieren).'

'Voorwerpen van de overledene kunnen hierbij een belangrijke functie hebben, in het bijzonder sieraden, kleding ('Mijn dochter van zestien draagt het overhemd van haar overleden vader'), maar ook gebruiksvoorwerpen of bijvoorbeeld de recepten van moeder, de wandelstok van opa. Geleidelijk aan kunnen herinneringen een schat worden die je met je meedraagt, die je dankbaar maakt, trots of blij.'

KOESTER HET TASTBARE

'Je doet best na een tijdje de kleren en voorwerpen van je overleden geliefde weg, ze dagelijks moeten zien doet toch alleen maar pijn' Evamaria: 'Gevaarlijke nonsens is dat! Echt zo gevaarlijk, dat je er jaren later in je rouwverwerking nog last van kan hebben. Laatst had ik een vrouw in de praktijk die onder familiale druk samen met haar gezin heel vlug na de dood van moeder het ouderlijke huis had leeggemaakt. Het beeld van haar moeders laarzen die ze in een container gooide, bleef haar na jaren nog achtervolgen.

Dan kan een goedgekozen ritueel - bijvoorbeeld het portret van je moeder een mooie plaats geven in je woonkamer - helpen die astgelopen rouw alsnog gezonder te krijgen.'

Johan: 'Voorwerpen kunnen ook helpen bij het proces van het geleidelijk fysiek loslaten van de overledene en hem of haar symbolisch binnenlaten. Bijvoorbeeld een hanger van je partner waarin je een beetje van zijn as laat inbrengen. Ze kunnen je helpen bij het installeren en in stand houden van een nieuwe symbolische en blijvende verbinding.'

Evamaria: 'In dat proces van herzien en herbekijken van je relatie met de geliefde kan het echter ook van belang zijn om voorwerpen weg te geven, om ze een nieuwe functie te geven of een andere betekenis. Zo kan je kleding van een ouder doorgeven aan de kinderen; geliefde voorwerpen van iemand schenken aan zijn
vrienden of doneren aan een organisatie die er iets nuttigs mee kan doen... Beide processen van koesteren en vasthouden of loslaten en afstand doen kunnen samengaan.'

GEZOND ROUWEN
'Soms begrijp ik mezelf niet: de ene dag doe ik niets anders dan praten over mijn overleden man, de andere dag heb ik 's avonds geen moment aan hem gedacht... Dat is toch niet normaal?'

Johan: 'Rouwen is een proces dat je voortdurend ervaart op twee snelheden waartussen je je heen en weer beweegt. Bijgevolg zijn er ook twee strategieën die je kan inzetten om met de pijn en het verdriet om te gaan.'

'Op momenten dat je 'verliesgericht' bent, staan de verlieservaring en de relatie met de overledene centraal: je gaat naar het kerkhof, praat met de overledene, praat over hem met familie of vrienden of weigert dat soms net. Je huilt, bent opstandig, wil niet erkennen dat hij dood is, je hebt schuldgevoelens, haalt mooie herinneringen
op...'

'O pmomenten dat je 'herstelgericht' bezig bent, focus je je op de problemen van elke dag en op de veranderingen die het gevolg zijn van het verlies. Je reconstrueert je leven of bouwt het opnieuw op; je geeft jezelf en het leven opnieuw vorm zonder de gemiste dierbare, bijvoorbeeld: je zet nu zelf de vuilnis buiten op straat, gaat boodschappen doen, houdt je sterk en sluit je af voor de pijn van het verlies; je gaat alleen op vakantie met de kinderen; je werkt, je begint een nieuwe relatie, je sport...

De wereld buiten je blijft bestaan en zorgt voor orde, herkenbaarheid en continuïteit, wat je een gevoel van veiligheid, van geruststelling kan geven, bijvoorbeeld: 'Na de dood van mijn vrouw heeft mijn werk me gered'.

Gezond rouwen is heen en weer kunnen bewegen tussen deze twee realiteiten. We bewegen ons tussen loslaten en verbinden, verwerken en bewerken het verlies met ons hart en hoofd. We piekeren, worden overspoeld door gedachten aan de verloren relatie, herdefiniëren de band met de overledene, of interesseren ons niet voor de wereld die verdergaat.'

HET VERLIES VAN EEN OUDER
'Mijn moeder stierf toen ik acht was. Ik ben nu veertig, pas moeder, en het gemis is schrijnender dan ooit. Niemand begrijpt waarom ik het moeilijk heb: ik heb toch net een prachtig kind gekregen?'

Evamaria: 'Als je je moeder verliest als je acht bent, verlies je haar opnieuw als puber, als adolescent, als je verliefd wordt en trouwt, zelf moeder wordt zonder moeder, pubers krijgt, grootmoeder wordt. Al deze levensfasen moet je zonder je moeder doormaken. Het gemis maakt wezenlijk deel uit van jouw identiteit. Je kan dit niet éénmaal verwerken en dan klaar zijn. Rouwen betekent dat je je steeds weer anders gaat verhouden tot je moeder.'

Johan: 'Een ouder verliezen als je nog jong bent, dat is traumatisch. Maar dat betekent daarom nog niet dat je daardoor als volwassene depressies zal hebben, of psychische stoornissen. Dé hamvraag is natuurlijk: hoe komt het dat de één eronderdoor gaat, en dat de ander voldoende veerkracht heeft om het verlies te kunnen omvormen en zelfs gebruiken als een motivatie om betekenis te geven aan het leven?'

Evamaria: 'Om daarop te kunnen antwoorden moet je je wezenlijk een drietal vragen stellen. Eén: heeft het kind voldoende veerkracht kunnen ontwikkelen op basis van een veilige hechting?

Twee: is het kind ingebed in een beschermende en steunende omgeving of rouwcultuur, thuis of op school?

En drie: als die hulplijnen beschadigd of onbruikbaar zijn, zijn er dan mogelijkheden in onze samenleving waar kinderen kunnen herstellen en zo hun ontwikkeling weer kunnen oppakken? In rouwtherapie kan dan alsnog aandacht en zorg worden besteed aan het gekwetste kind, zodat je dat vroege verlies een plaats kan geven in je leven.'

STERKER DOOR VERLIES?

Johan: 'Verlies maakt niet sterk, maar de zoektocht naar het antwoord dat je poogt te geven op dat verlies, dát kan je wel sterker maken. Wie pijnlijke dingen heeft meegemaakt, is meer dan anderen voorbereid op moeilijke en minder evidente levensomstandigheden in de toekomst. Dat is een gedachte die je altijd meedraagt,
en die gedachte kan je kracht, zelfrespect en zelfvertrouwen geven en in tijden van acute stress een op de loer liggende depressie zelfs terugdringen.'

Meer weten?


- Johan Maes en Evamaria Jansen, 'Ze zeggen dat het over gaat', (Witsand, 17,95 euro). Vol concrete tips, met waargebeurde verhalen over mensen in rouw.

- Johan Maes en Evamaria Jansen runnen samen met een aantal collega's (o.m. een kinderpsychologe) De Bedding in Gent, een psychotherapeutische praktijk en een rouw- en expertisecentrum waar zij nabestaanden met gecompliceerde rouw begeleiden, maar ook mensen met angsten, trauma's, depressies, problemen die niet direct in verband staan met rouw. Er is residentiële opvang voorzien voor mensen die er even helemaal uit moeten voor een periode van herbronning.

De Bedding: Krommewal 2, 9000 Gent. Tel: 0499/73.26.38 (Evamaria Jansen), www.debedding.eu

Voor de vzw Zorg-Saam geeft Johan Maes trainingen en lezingen over rouwverwerking. Zorg-Saam: Remylaan 4b, 3018 Wijgmaal-Leuven.
Tel: 016/24.39.75, www.zorgsaam.be.

Door: Flow in Goed Gevoel november 2009