Wetenschap bewijst: eens goed huilen lucht écht op

doorNina Dillenop 27/08/2015

Het cliché: "laat de tranen maar komen, dat lucht op!" is blijkbaar niet alleen een typische oneliner omdat we niet weten wat zeggen als we iemand willen troosten. Een stevig potje janken lucht namelijk écht op, en 90 minuten na de huilbui voelen we ons beter dan vlak voor de tranen vloeiden. Dat blijkt uit onderzoek aan de universiteit van Tilburg.

In het onderzoek onder leiding van Asmir Gracanin moesten proefpersonen eerst verplicht kijken naar typische tranentrekkers. "La Vita è Bella", een film over een Joodse vader die zijn zoon probeert te beschermen in een concentratiekamp tijdens de Holocaust, en "Hachi: A Dog's Tale", over een hond die zijn overleden baasje blijft opwachten aan een treinstation.

69% van de "Hachi"-kijkers moest huilen, een stuk meer dan de 40% die van "La Vita è Bella" de tranen in de ogen kreeg. Na die huilsessie moesten de proefpersonen meteen een vragenlijst invullen, en na respectievelijk 20 minuten en 90 minuten nog eens. Opvallend genoeg voelden de "huilers" zich vlak na de film slechter, stabiliseerde hun humeur na 20 minuten, en voelden ze zich beter dan vlak voor de film na 90 minuten. Bij de groep die niet had gehuild, deed er zich geen verschil in humeur voor.

Huilen maar
Heeft huilen dan echt een therapeutische werking, zoals wel eens gezegd wordt? "Na de eerste verslechtering van de gemoedstoestand, meteen na het huilen, duurt het een tijdje voor je humeur zich herstelt. Maar daarna stijgt je gemoedstoestand boven het niveau uit waar je begonnen bent," schrijft Gracanin.

"Huilen helpt daarnaast je lichaam om fysiek rustig te worden na een stressvolle of emotionele situatie, en zorgt ervoor dat onze temperatuur en bloeddruk zich aanpassen." Gracanin besluit door te zeggen dat we ons dus zeker niet moeten schamen om te huilen. Huil dus maar eens goed als het moet, want "dat lucht op".